'Naza' laat daders niet achteraf getuigen, maar nu, terwijl het geweld nog gaande is
In dit artikel:
In de documentaire ‘Naza’ vertellen 24 anonieme Israëlische militairen over hun werk tijdens de oorlog in Gaza. Onder hen zijn inlichtingenofficieren, cybertechnici, dronepiloten en grondtroepen. Ze beschrijven hoe het leger omgaat met ‘nevenschade’, de bureaucratische term voor Palestijnse burgerslachtoffers, en geven inzicht in het systeem achter de Israëlische bombardementen. Hun getuigenissen zijn bijzonder omdat ze afkomstig zijn van betrokkenen en worden afgelegd terwijl het geweld nog voortduurt.
De film is gemaakt door Yuval Abraham en Rachel Szor, bekend van de Oscarwinnende documentaire ‘No Other Land’. In Israël krijgen de makers felle kritiek: ze worden onder meer als landverraders bestempeld en hun keuze om bronnen anonimiteit te beloven wordt journalistiek dubieus genoemd. De documentaire wordt geproduceerd door The Guardian, maar dat neemt de aanvallen niet weg.
De bespreking vergelijkt ‘Naza’ met Claude Lanzmanns ‘Shoah’ uit 1985. Ook Lanzmann werd bekritiseerd omdat hij daders met misleidende methodes en verborgen camera’s tot spreken bracht, maar zijn documentatie van daderschap werd uiteindelijk van groot belang gevonden. Terwijl Lanzmanns werk in Israël nog altijd wordt geëerd, worden Abraham en Szor vanwege hun film bedreigd en moeten zij onderduiken. Volgens de recensie laat dat zien dat er in Israël, zolang de oorlog voortduurt, weinig ruimte is voor zelfonderzoek.
Vandaag Inside: Valentijn Driessen over babynieuws Rob Jetten: ‘Prima, over 9 maanden is het kabinet toch weg’