Natuurjournaal 6 april 2026
In dit artikel:
In wegbermen en openbaar groen verschijnen nu massaal pinksterbloemen: kleine trossen lila, roze of witte bloemetjes die zowel in nat grasland als op droger terrein voorkomen. Er bestaan variaties die soms als afzonderlijke ondersoorten worden gezien. Veel dieren mijden de plant vanwege een scherpe, tuinkersachtige smaak, maar sommige specialistische insecten — zoals de rupsen van het oranjetipje — benutten de pinksterbloem juist als voedselbron. De bloei duurt doorgaans tot in juni, dus ook rond Pinksteren zijn ze te zien.
Tegelijkertijd zijn staartmezen druk bezig met nestbouw. Deze beweeglijke vogeltjes slepen stukjes korstmos naar dicht struweel en vervlechten die met spinrag tot een zakvormig nestje. Door van binnen te stampen geven ze het nest de gewenste vorm en bekleden het vervolgens met zachte veertjes voor isolatie. Het resultaat is een compact, warm slaap- en broedplek dat fijn aansluit bij hun voorkeur voor beschutte plekken in struikgewas.