Natuurjournaal 18 mei 2026
In dit artikel:
Juffertjes—de fijne libellen die traag en elegant boven slootjes en plasjes zwieren—duiken weer op rond waterpartijen. In Nederland komen meerdere blauwe soorten voor, zoals watersnuffel, lantaarntje, variabele waterjuffer en azuurwaterjuffer. Soortherkenning vraagt vaak oefening: je let op details als schouderstrepen, streepjes op de vliesranden en markeringen op achterlijfsegmenten 6–9. Een foto en een determinatie‑app maken het herkennen voor veel mensen een stuk eenvoudiger en vergroten het plezier van dichtbij kijken naar het leven rond stedelijke en landelijke wateren. Mannetjes zijn meestal felblauw; vrouwtjes vaak minder opvallend.
Vroedmeesterpadden zijn van eind maart tot en met augustus vooral ’s avonds en ’s nachts actief en zijn vaak kort na zonsondergang te horen. Van nature komen ze alleen in Zuid‑Limburg voor, maar ze zijn op meerdere locaties uitgezet, bijvoorbeeld in botanische tuinen in steden. Het mannetje lokt het vrouwtje met zachte klokachtige roepjes; nadat het vrouwtje een lang eitjessnoer heeft afgezet, bevrucht en wikkelt het mannetje de ketting om zich heen en draagt de eieren tot zo’n zeven weken mee op het land. Die ouderlijke zorg verkleint de kans dat de eitjes door vijanden worden opgegeten—tenzij ook de vader mét zijn eieren wordt gepakt.