Natuurjournaal 15 februari 2026
In dit artikel:
Kamsalamanders en gladde slangen laten zich bij zachter en zonnig winterweer al vroeg zien. De kamsalamander — de grootste watersalamander in Nederland — verlaat als een van de eerste amfibieën zijn landelijke winterverblijf en trekt richting voortplantingswater; bij zachte winters kan die trek al in februari of eerder beginnen, met een paakopstoot in april. Mannetjes vallen op door een getande rugkam tijdens de paringstijd; die kam en de felgekleurde tinten verdwijnen weer zodra ze terug op het land zijn.
De gladde slang kan op zonnige winterdagen kort wakker worden om te zonnen, ondanks dat de winterslaap formeel tot maart loopt. Buiten de winter scheert deze soort juist vaker langs bewolkte dagen, en is op warme zomerdagen vaak vermeden. Gladde slangen zijn schaars en geheimzinnig; wie nu op de hogere zandgronden wandelt maakt de grootste kans er één tegen te komen. Let bij herkenning op de ronde pupil: dat onderscheidt ze van een adder.