Natuurjournaal 1 juli 2026
In dit artikel:
Stippelmotten zijn kleine nachtvlinders uit de groep van de micro’s, met bekende soorten als de appel-, meidoorn-, vogelkers- en wilgenstippelmot. Vooral de rupsen vallen op: die leven in grote spinselnesten waarmee ze struiken en bomen soms helemaal kaalvreten. Daardoor worden ze geregeld verward met de eikenprocessierups, maar stippelmotrupsen hebben geen brandharen en zijn dus ongevaarlijk. Sommige soorten zijn gekoppeld aan specifieke waardplanten, zoals kardinaalsmuts, en De Vlinderstichting heeft een herkenningskaart gemaakt om de verschillende soorten beter uit elkaar te houden.
Daarnaast wordt geelblad genoemd, een zeldzamere macronachtvlinder. Die soort heeft in Nederland een verspreiding op zandgronden in Utrecht, Gelderland en Overijssel, met lokale vindplaatsen in de duinen en in Limburg. Geelblad leeft van meerdere loofbomen, waaronder berk, beuk, eik, esdoorn en wilg, en de vlinder vliegt ’s nachts op licht af. Overdag zit hij verscholen in de vegetatie. De tekst benadrukt ook dat de indeling in micro- en macronachtvlinders vooral een praktische, niet strikt wetenschappelijke, verdeling is.
De Oranjezomer: Dominique Schreinemachers begrijpt verbanning Ronnie Flex en Lil' Kleine bij Vierdaagsefeesten