Natuurbranden maken nog duidelijker dat Drenthe extra moet investeren in de brandweer
In dit artikel:
Door de aanhoudende droogte zijn brandweerkorpsen in Nederland, en vooral in natuurrijke provincies zoals Drenthe, extra onder druk komen te staan. Afgelopen donderdag moesten Drentse eenheden meerdere keren uitrukken naar branden op plekken als het Balloërveld, Wateren en Zuidwolde, en tegelijk werd gevraagd bijstand te verlenen bij de grote natuurbrand op het militaire oefenterrein bij ’t Harde (Gelderland).
Drenthe stuurde een half peloton—twee speciale natuurbrandvoertuigen—naar Gelderland; Friesland leverde een vergelijkbare inzet. Dat is aanzienlijk: Drenthe beschikt in totaal over acht van die voertuigen, dus het uitlenen van twee betekent het afstaan van een kwart van de capaciteit. Tegelijkertijd brak er in Baggelhuizen weer een natuurbrand uit waarvoor een peloton nodig was, wat de kwetsbaarheid van het systeem blootlegde zodra meerdere incidenten gelijktijdig optreden.
De inzet van hulp verliep via het landelijke coördinatiecentrum dat veiligheidsregio’s om bijstand vroeg. Formeel kan een regio nee zeggen, maar die beslissing is complex omdat men ook de eigen dekking moet waarborgen. Om die reden heeft Veiligheidsregio Drenthe bij de twaalf gemeenten om extra geld gevraagd—naar verluidt circa vier miljoen euro—met het concrete doel een extra peloton gespecialiseerde natuurbrandvoertuigen aan te schaffen. „We hebben extra materiaal nodig, omdat we zien dat het klimaat verandert,” zegt woordvoerder Bart Raaijmakers.
Naast materieel is ook investeren in mensen essentieel. Buiten Emmen draait de Drentse brandweer volledig op vrijwilligers, maar de samenstelling verandert: vrijwilligers blijven tegenwoordig vaak minder lang actief, wat hogere opleidingskosten tot gevolg heeft. De begrotingsaanvraag ligt bij de gemeenten; het algemeen bestuur van de veiligheidsregio verwacht hierover dit najaar een besluit.
De oorzaak ligt deels bij het weer: een uitzonderlijk droge april met oostenwind en soms onder 25 procent relatieve luchtvochtigheid heeft de natuur uitgedroogd. Drenthe bevindt zich nu in fase 2 van het natuurbrandrisico—een signaal voor het publiek en gemeenten dat vergunningen voor vuuractiviteiten kunnen worden aangescherpt. Voor de brandweer verandert de uitrukprocedure nauwelijks; bij natuurbranden wordt standaard dubbel uitgerukt. Raaijmakers benadrukt het belang van waakzaamheid van bezoekers en instanties zoals Defensie en zegt: „Bij natuurbranden geldt: hoe sneller, hoe beter.”