Nationale feestdag Hongarije brengt aanhangers van beide kemphanen op de been

zondag, 15 maart 2026 (19:02) - NOS Nieuws

In dit artikel:

In Boedapest kwamen tienduizenden mensen samen op de nationale herdenkingsdag van de revolutie van 1848, maar de festiviteiten kregen dit jaar vooral een verkiezingsspark: zowel premier Viktor Orbán als zijn grootste rivaal, oppositieleider Magyar, riepen hun aanhang op om in massa deel te nemen aan optochten om hun populariteit te etaleren. Orbán stond centraal bij een traditionele Vredesmars waarin hij een toespraak hield; Magyar organiseerde een afgebakende tegenmars die hij de "Nationale Mars" noemde. De twee groepen verkeerden op verschillende pleinen en kwamen niet direct met elkaar in contact.

De aanleiding is overduidelijk politiek: over vier weken vinden in Hongarije landelijke verkiezingen plaats. Orbán zit sinds 2010 onafgebroken aan de macht, maar de 44‑jarige Magyar — ooit lid van Orbáns Fidesz — voert nu campagne als leider van de Tizsa‑partij en leidt volgens veel peilingen de race.

Orbán zette in zijn retoriek sterk in op externe dreigingen, met name Oekraïne, dat hij in scherpe bewoordingen neerzette als een groter gevaar voor Hongarije dan Rusland. Kritieken uit binnen- en buitenland luiden dat hij daarmee angst zaait om kiezers te mobiliseren; in zijn toespraak sloeg Orbán de toon door te stellen dat kiezers moeten kiezen "wie de regering zal moeten vormen: ik of Zelensky".

Magyar benadrukte juist verzoening en nationale eenheid en probeerde stemmen te winnen met de belofte dat tegenstanders bij een verkiezingsoverwinning niet als verraders zullen worden bestempeld. De optochten laten zien hoe gepolariseerd de Hongaarse politiek is geworden en dat de feestdag dit jaar vooral als podium voor electorale strijd fungeerde.