Na vier jaar heeft Rusland steeds meer moeite met de oorlog in Oekraïne
In dit artikel:
Op 24 februari 2022 vielen Russische troepen tegelijk vanuit meerdere richtingen Oekraïne binnen. President Vladimir Poetin kondigde een zogenaamde "speciale militaire operatie" aan met doelen als het "denazificeren" en "demilitariseren" van Oekraïne; wat aanvankelijk als een beperkte actie werd gepresenteerd, escaleerde snel tot een oorlog van een schaal die Europa sinds 1945 niet meer kende.
In Moskou zelf is van die oorlog vaak weinig zichtbaar: kerstdecoraties en het alledaagse straatbeeld suggereren normaliteit. Tegelijkertijd zijn overal rekruteringscampagnes aanwezig, ook voor nieuwe eenheden zoals dronetroepen. De staat betaalt hoge premies om mannen te lokken, vooral in armere regio’s die sinds 2022 veel rekruten leveren. Daardoor stijgt de gemiddelde leeftijd van nieuwkomers in het leger, en wordt het steeds moeilijker om de bezetting van de troepen op peil te houden. Persbureau Bloomberg meldde dat Rusland in januari dit jaar 9.000 minder rekruten won dan het aantal verliezen aan het front.
Over de omvang van de Russische verliezen heerst in Rusland officiële zwijgplicht; het laatste door Moskou gegeven cijfer dateert uit september 2022. Onafhankelijke tellingen, onder meer van de BBC en de Russische website Mediazona (zelf tot “buitenlandse agent” verklaard), schatten het aantal doden inmiddels ruim boven de 200.000 op basis van publieke overlijdensberichten. Deze slachtoffers zijn veelal persoonlijk identificeerbaar en komen relatief vaker uit armere regio’s zoals Boerjatië; ook meer dan 3.000 mensen uit Moskou zouden onder de gesneuvelden zitten. Het werkelijke aantal ligt naar alle waarschijnlijkheid nog hoger.
De militaire operatie heeft diep ingegrepen in de Russische economie en internationale betrekkingen. Luchtverbindingen met westerse landen stortten in, veel westerse bedrijven stopten hun activiteiten in Rusland en wetenschappelijke samenwerking kromp sterk in. Sancties blokkeren vaak cruciale technologie, Rusland verloor grote afzetmarkten voor aardgas en kampt met problemen in de olie-export; Gazprom draait nu forse verliezen. Als gevolg groeit de economische afhankelijkheid van landen zoals China. De oorlog kost de staat veel: ongeveer 40 procent van de begroting gaat al naar de oorlogsvoering, waardoor andere uitgaven worden ingeperkt en belastingen omhooggaan. Na enkele jaren van groei is de economische motor tot stilstand gekomen, wat de populariteit van de situatie drukt.
Toch blijft brede steun voor Poetin volgens binnenlandse peilingen groot — tot zo’n 80 procent steun voor de president en de operatie. Denis Volkov van het Levada-centrum wijst erop dat de pro-Kremlinmedia de publieke opinie sterk bepalen: "Sinds midden vorig jaar is het oordeel over de economische situatie geleidelijk verslechterd", zegt hij tegen de NOS. Kritische stemmen vormen een minderheid (ongeveer 15–20 procent) en worden grotendeels het zwijgen opgelegd; in 2022 uiteengeslagen protesten en repressieve wetgeving leidden tot meer dan duizend politieke gevangenen, vaak vervolgd wegens 'kwaadsprekerij' of het verspreiden van zogenaamd 'nepnieuws'. Tegelijk groeit de roep om vrede en onderhandelingen: volgens recente peilingen staat 61 procent positief tegenover vredesgesprekken, een verlangen dat door internationale ontwikkelingen en politieke verschuivingen extra werd aangewakkerd.