Na historisch vonnis over digitale verslaving blijft de vraag: wie beschermt onze kinderen online?

donderdag, 26 maart 2026 (12:04) - VRT Nieuws

In dit artikel:

In een recente rechtszaak in de Verenigde Staten oordeelde een volksjury dat Instagram (Meta) en YouTube (Google) functies bevatten die bewust zijn ontworpen om gebruikers, en in het bijzonder kinderen en tieners, langdurig aan de apps te binden. De zaak draaide om Kaley, inmiddels twintig, die stelde dat zij als kind verslaafd raakte aan die platforms en daar psychische schade aan overhield. Na een proces van enkele weken en negen dagen beraad kwamen twaalf juryleden tot het oordeel dat de bedrijven op de hoogte waren van de schadelijke effecten maar doorgingen met bepaalde ontwerpkeuzes.

De zaak onderscheidde zich doordat het niet ging om gebruikerscontent – waarvoor platforms doorgaans juridische bescherming genieten – maar om de bouw van de apps zelf: autoplay, eindeloos scrollen, notificaties, likes en schoonheidfilters. Aanklagers stelden dat zulke mechanismen kleine beloningsprikkels in de hersenen afgeven en daardoor verslavend werken, vooral bij jongeren wiens brein nog in ontwikkeling is. Interne documenten speelden een cruciale rol; die zouden aantonen dat medewerkers risico’s voor het zelfbeeld van jongeren en de aantrekkingskracht op jonge gebruikers erkenden, maar dat die functies toch bleven bestaan. Ook Meta-topman Mark Zuckerberg moest in de rechtbank getuigen; hij erkende volgens het proces dat het bedrijf mogelijk onvoldoende had gedaan om kinderen te beschermen, maar benadrukte dat Instagram ook waarde kan bieden voor tieners.

Niet alle grote platforms kwamen voor de rechter: TikTok en Snapchat schikten buiten de rechtszaal met Kaley. De uitspraak is desalniettemin juridisch betekenisvol: juristen noemen het een kantelpunt omdat ze de deur opent naar nieuwe aansprakelijkheid waarin ontwerpkeuzes zelf als risicovolle productkenmerken worden gezien, vergelijkbaar met hoe tabak of andere gereguleerde producten benaderd kunnen worden. In Californië lopen intussen duizenden soortgelijke claims en ook andere rechtbanken, zoals in New Mexico, hebben recentelijk uitspraak gedaan tegen Meta vanwege gebrekkige bescherming van minderjarigen.

De praktische gevolgen kunnen groot zijn: naast mogelijke hoge schadevergoedingen kan de uitspraak bedrijven dwingen om platformen te hertekenen als bepaalde functies voortaan juridisch als gevaarlijk worden aangemerkt. Meta en Google hebben aangegeven in beroep te gaan; juryuitspraken in individuele zaken zijn (nog) geen precedent van hogere rechtbanken.

Internationaal heeft de zaak extra weerklank: Europa heeft via de Digital Services Act al regels die platforms verplichten gebruikersrisico’s te verminderen, met zwaardere handhaving en boetes dan in de VS. De kernvraag — zijn sociale media neutrale technische ruimtes of actieve producten die gedrag sturen en dus verantwoordelijkheid dragen — krijgt met dit vonnis meer gewicht. Omdat dezelfde algoritmes en ontwerpprincipes wereldwijd worden gebruikt, heeft de uitspraak mogelijk invloed ver buiten Californië.