Na einde blokkade wacht mijnenjagers in de Straat van Hormuz een intensieve klus
In dit artikel:
Vrijdag maakte Iran bekend de Straat van Hormuz weer open te stellen voor al het scheepvaartverkeer zolang het lopende staakt-het-vuren geldt. De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Abbas Araghchi kondigde de heropening aan op X, nadat Teheran de doorgang kort daarvoor had geblokkeerd als reactie op de Israëlisch-Amerikaanse aanvallen. Die blokkade liet honderden vrachtschepen, waaronder veel olietankers, vastlopen in de Perzische Golf; alleen geselecteerde schepen — vaak Iraanse of van bondgenoten die een hoge tol betaalden — werden de afgelopen weken doorgelaten.
De openstelling valt samen met een tien dagen durend bestand tussen Libanon en Israël dat vrijdag inging. Tegelijkertijd hield de Verenigde Staten voet bij stuk: president Trump stelde dat een Amerikaanse maritieme blokkade voor Iraanse schepen gehandhaafd blijft totdat Washington zijn voorwaarden volledig ingewilligd ziet. Die voorwaarden omvatten onder meer de ontmanteling van delen van het Iraanse nucleaire programma en het uitleveren van honderden kilo’s hoogverrijkt uranium.
Hoe snel het normale scheepvaartverkeer hersteld kan worden, is onzeker. Iran heeft twee smalle vaarroutes vlak langs zijn kust aangewezen als ‘veilig’, maar het risico van zeemijnen en de militaire positie langs de bergachtige Iraanse kust maken een vrije doorgang complex en gevaarlijk. Amerikaanse inlichtingendiensten meldden dat Iran mogelijk een tiental onderwatermijnen heeft geplaatst. Mijnenruiming onder water is traag en risicovol: mijnenjagers werken met drones en duikers en hebben bescherming nodig tegen raket- en artillerievuur vanaf de kust.
In Parijs spraken Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk over een ‘coalitie van bereidwilligen’ om de zeemijnen te verwijderen en de scheepvaart te beveiligen; volgens de Britse premier staan meer dan tien landen klaar. Frankrijk en het VK benadrukken dat hun operatie onafhankelijk van de VS zal plaatsvinden en pas zal starten na beëindiging van de vijandelijkheden. Ook Nederland toont bereidheid: de Nederlandse marine wordt genoemd als mogelijke partner bij het opsporen en onschadelijk maken van mijnen, mits het conflict stopt — een voorwaarde die minister Tom Berendsen in de Kamer herhaalde.
De VS hebben twee destroyers naar de Straat gestuurd om alvast te beginnen met tegenmijnenwerk, maar beschikken zelf weinig gespecialiseerde mijnenjagers in de regio. Europese marines, waaronder die van Nederland, hebben meer ervaring met mijnenbestrijding. Nederland heeft nog twee Alkmaar-klasse mijnenjagers en recent het nieuwe schip Vlissingen ontvangen, dat plaats biedt aan onbemande zeedrones; dit schip is echter pas over enkele maanden inzetbaar. Maritiem deskundigen benadrukken dat, zelfs na een staakt-het-vuren, het veilig vrijmaken van een route door de Straat van Hormuz weken tot langer kan duren, met directe gevolgen voor olieprijzen en de wereldhandel.