Na dagenlang protest en rellen in Frankrijk: wie komt op straat? En zal er iets veranderen?
In dit artikel:
Frankrijk wordt al ongeveer drie weken geconfronteerd met protesten die begonnen met scholieren. Zij kwamen eind september op straat vanwege personeelstekorten, slechte schoolgebouwen en de gebrekkige kwaliteit van het onderwijs. De beweging groeide uit tot een brede mobilisatie tegen de stijgende levensduurte, besparingen en de achteruitgang van openbare diensten. Vakbonden en aanhangers van de gelehesjesbeweging sloten zich aan. Op 17 oktober namen volgens schattingen 550.000 tot 800.000 mensen deel aan een landelijke betoging.
De meeste deelnemers protesteren vreedzaam en eisen meer investeringen in onderwijs, hogere lonen, lagere prijzen en betere pensioenen. Daarnaast maken relschoppers en plunderaars gebruik van de chaos. Zij vallen agenten aan, steken voertuigen en straatmeubilair in brand en vernielen winkels en openbare gebouwen. De overheid wijst onder meer naar extreemlinkse radicalen, terwijl ook criminelen de gelegenheid zouden aangrijpen om te stelen. Volgens Frankrijkkenner Steven Decraene komt een deel van de jonge relschoppers uit achtergestelde banlieues, waar al langer spanningen met de politie bestaan.
De schade en het geweld zijn de voorbije week sterk toegenomen. Minstens 150 agenten raakten gewond, 8.000 tot 9.000 mensen werden gearresteerd en de schade loopt volgens de handelssector in de honderden miljoenen euro’s. In Limoges werd het historische stadhuis door brand bijna volledig verwoest. Minister van Binnenlandse Zaken Laurent Nuñez erkende dat de ordediensten tekortschoten en bood zijn ontslag aan, maar president Emmanuel Macron weigerde dat.
Macron veroordeelde het geweld en beloofde vervolging, maar presenteerde geen concrete sociale maatregelen. Premier Sébastien Lecornu moet overleggen met scholieren, vakbonden, leerkrachten en politieke partijen. De regering overweegt gerichte avondklokken en wil de aanpak van plunderingen aanscherpen. Zowel rechts als links verwijt Macron dat hij de crisis niet beheerst, terwijl zijn beperkte parlementaire steun en de hoge staatsschuld grote nieuwe uitgaven bemoeilijken. Frankrijk moet daardoor tegelijk de openbare orde herstellen, de sociale onvrede aanpakken en de overheidsfinanciën bewaken, terwijl Macrons politieke gezag richting de presidentsverkiezingen van 2027 verder onder druk komt te staan.
Vandaag Inside: Wouter de Winther past voor pikant gesprek: ‘Dit laat ik écht helemaal aan jullie!’