Na acht jaar zijn de 24 hulpverleners, die waren aangeklaagd voor 'mensensmokkel', eindelijk vrijgesproken
In dit artikel:
Acht jaar nadat ze begonnen werden vervolgd, zijn de 24 hulpverleners en reddingswerkers op Lesbos – bekend als “The 24 of Lesvos” – eindelijk vrijgesproken. De uitspraak viel tijdens een zitting in het gerechtshof van Mytilini op 19 januari 2026, na een rechtszaak die sinds 2018 liep over activiteiten die teruggaan tot de vluchtelingencrisis van 2015–2016.
De groep, bestaande uit vrijwilligers en medewerkers van verschillende nationaliteiten die vanaf 2016 duizenden aangespoelde vluchtelingen hielpen, stond terecht voor zware aanklachten: mensensmokkel, lidmaatschap van een criminele organisatie (toen toegeschreven aan de kleine ngo ERCI) en geldwitwassen vanwege crowdfunding. Vijf van hen zaten in voorarrest en brachten 107 dagen onterecht in Griekse gevangenissen door. De verdediging stelde steeds dat hun handelen puur humanitair was: redden van drenkelingen en hulpverlening zichtbaar en vaak in samenwerking met autoriteiten.
De zitting kende een symbolische spanning: een lange schorsing, slecht werkende geluidsvoorziening die het publiek afhankelijk maakte van mobiele ‘tamtam’-berichten, en uiteindelijk een luid applaus en tranen toen de vrijspraak bekend werd. Aanwezigen—aangeklaagden, familie, activisten, mensenrechtenvertegenwoordigers en zelfs enkele politieagenten—vielen elkaar in de armen. Journalisten bestormden bekende gezichten uit de zaak, onder wie de Syrische Sara Mardini, die tijdens haar getuigenis zei: “Ik snap niet waarom ik hier sta, we hebben alleen maar mensen gered,” en de Ierse advocaat Sean Binder, die het proces na afloop scherp bekritiseerde: “Dit proces had nooit mogen plaats hebben.” De Nederlandse ondernemer Pieter Wittenberg behoorde ook tot de vrijgesprokenen en kreeg veel persaandacht.
De vrijspraak werd gevierd met een spontane optocht naar de zee, waar activisten en enkele vrijgesprokenen een symbolische duik namen bij een strandje vlakbij het kamp Mavro Vouni—de plaatselijke opvolger van het in 2020 door brand verwoeste Kamp Moria. De stemming was euforisch maar gemengd: veel aanwezigen noemden de overwinning bitter omdat verdrinkingen, pushbacks en belemmeringen voor zeehulp nog steeds plaatsvinden. De politieke context speelt mee: onder premier Kyriakos Mitsotakis is veel strengere grens- en terugdringingspolitiek gevoerd en werd zeehulp praktisch verboden, waardoor hulpverleners vaak het mikpunt van vervolging werden. Iasonas Apostolopoulos, een prominent reddingswerker die in Griekenland fel bekritiseerd wordt en nu voor een Italiaanse ngo werkt, verscheen als supporter.
De zaak markeert de grootste Europese rechtszaak rond de criminalisering van hulp aan vluchtelingen en werpt een langgerekt licht op de spanningen tussen juridische vervolging, politiek beleid en humanitair werk in de Egeïsche Zee. Hoewel de 24 zijn vrijgesproken, blijft de discussie over autoriteiten, pushbacks en de veiligheid van vluchtelingen in de regio onverminderd actueel.