Na 2 Belgen op het podium van Ronde van de Toekomst: waar blijven die klimtalenten toch vandaan komen?
In dit artikel:
België leverde in de Ronde van de Toekomst voor het eerst twee renners op het eindpodium: Niels Driesen werd tweede en Matteo Vanhuffel derde, achter het Italiaanse supertalent Lorenzo Finn. Volgens bondscoach Serge Pauwels bevestigt die prestatie dat de Belgische klimtoekomst sterk groeit.
Driesen maakte dit seizoen een grote doorbraak. Als junior viel hij al op door zijn klimvermogen en sterke motor, maar vorig jaar reed hij vooral in dienst van Jarno Widar. Nu hij voor eigen rekening mag koersen, won hij de Ronde van de Isard en een rit in de Ronde van de Toekomst, werd hij tweede in de Flèche Ardennaise en viel hij sterk aan in de Ronde van Burgos. Pauwels ziet in hem een ronderenner die goed herstelt na zware bergritten, maar ook voldoende explosiviteit heeft voor klassiekers.
Vanhuffel had eerder met een achtste plaats in de Giro Next Gen laten zien dat hij een klassement aankan. Zijn derde plaats in de Ronde van de Toekomst betekende een nieuwe stap. In tegenstelling tot Driesen is hij volgens Pauwels vooral een pure klimmer, geschikt voor lange beklimmingen.
De opkomst van Belgische klimmers is volgens de bondscoach geen toeval. Belgian Cycling organiseert al ruim tien jaar klimtesten en begeleidt een speciaal klimproject, waardoor jonge renners meer belangstelling krijgen voor het bergwerk. Ook Remco Evenepoel, Cian Uijtdebroeks en Widar namen daaraan deel. Pauwels verwacht desondanks niet dat België daardoor minder toppers voor de klassiekers zal voortbrengen.
Vandaag Inside: Johan Derksen waarschuwt Mona Keijzer: 'Dát is het gevaar!'