Moslimpartij-lijsttrekker keert zich bij WK tegen Nederland: 'We zijn tegen Nederland'
In dit artikel:
Ozan Turkdogan, lijsttrekker van de Anti-Racistische Moslimpartij in Amsterdam, heeft in een nieuwe TikTok-video opnieuw scherp stelling genomen tegen Nederland. Rond het WK voetbal verklaarde hij expliciet niet achter het Nederlands elftal te staan en zei dat hij “tegen Nederland, tegen Amerika, tegen het Westen” is. Tegelijk stelde hij zich juist solidair op met landen als de Islamitische Republiek Iran, Marokko en Curaçao, en koppelde zijn keuze aan wat hij noemt institutionele discriminatie en racisme in Nederland: “Waarom zouden wij voor Nederland moeten zijn als zij ons institutioneel discrimineren?”
De video sluit aan bij een reeks eerdere, omstreden uitlatingen van Turkdogan. Eerder riep hij volgers op niet loyaal te zijn aan Nederland en gaf hij naar eigen zeggen het advies het sociale stelsel “leeg te plunderen”. Hij zei ook al langere tijd niet meer te werken en niet te solliciteren, en verklaarde openlijk afstand te nemen van betaald werk voor Nederlandse werkgevers. In andere opnamen veroorzaakte hij ophef met uitspraken over witte mensen; zo stelde hij dat moslims volgens hem geen vriendschap kunnen hebben met witte mensen, verwijzend naar zowel religieuze teksten als actuele kwesties als het toeslagenschandaal en de Gaza‑conflict.
Turkdogan verbindt zijnweigering van loyaliteit aan gevoelens van onrecht en uitsluiting: volgens hem is het logisch geen steun te betuigen aan een land dat “ons institutioneel discrimineert”. Over Curaçao en de Antillen zei hij dat de opdeling in separate nationale elftallen voortkomt uit het Nederlandse beleid dat kleine landen niet wil laten excelleren, en pleitte hij impliciet voor meer gezamenlijke vertegenwoordiging.
De uitlatingen roepen opnieuw debat op over loyaliteit, integratie en de grens tussen politieke vrijheid en oproepen tot vijandigheid. Sytze Rijpkema, fractievoorzitter van JA21, reageerde fel en noemde Turkdogans woorden een symptoom van wat er volgens hem fout gaat; hij vond dat iemand die zo’n hekel aan Nederland heeft, kan vertrekken.
Turkdogans statements benadrukken de spanningen rond identiteit en politieke representatie in Nederland en zetten de discussie voort over hoe maatschappelijk onbehagen en ervaringen van discriminatie politiek worden geuit.