Mosasauriërs waren zeereptielen die ook in zoet water konden jagen

woensdag, 17 december 2025 (16:03) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Een internationale groep paleontologen (Nederland, Zweden, VS) concludeert in BMC Zoology dat mosasauriërs niet alleen grote zeevaarders waren, maar ook structureel in zoetwatermilieus konden leven. De conclusie berust op een tand van ongeveer 66 miljoen jaar oud, opgegraven in 2022 in de Hell Creek-formatie (North Dakota), een bekend fossielenbekken dat ook de Krijt-Paleogeenlaag en vondsten als Tyrannosaurus rex herbergt.

Omdat Hell Creek destijds een zoetwateromgeving was, onderzochten de onderzoekers of de tand daar terechtgekomen was of dat het dier er echt leefde. Ze voerden een multiproxy-analyse uit van isotopen in het tandglazuur — koolstof (dieet), zuurstof (watersignaal) en strontium (leefgebied) — en vonden combinaties die wijzen op een levenslange aanwezigheid in zoetwater in plaats van postmortale verplaatsing vanuit zee. Hoofdauteur Melanie During benadrukt dat zulke samengestelde isotopenanalyses nodig zijn om onzekerheden uit te sluiten.

Op basis van de tandgrootte schatten de onderzoekers dat het om een volwassen mosasaurus van zo’n elf meter ging. Dat is opmerkelijk omdat eerdere mosasaurusskeletten uit zoetwaterafzettingen meestal van veel kleinere, jongere dieren kwamen; die konden incidenteel in brakke of zoetwatergeulen terecht zijn gekomen. De nieuwe vondst suggereert dat volwassen mosasauriërs zich daadwerkelijk hadden aangepast aan leven ver van de oceaan — mogelijk met anatomische en fysiologische verschillen, al is dat met één tand niet vast te stellen.

Verder wijst het isotopensignaal van oudere mosasaurustanden in dezelfde lagen erop dat de aanpassing geleidelijk verliep: toen de binnenlandse zeeën in Noord-Amerika door afsluiting steeds zoeter werden, konden mosasauriërs zich langzaam aan een rivier- of meerleven aanpassen. Deze bevinding vergroot ons beeld van de ecologische flexibiliteit van deze eind-Krijt toppredatoren.