Moord op Poldinneke overschaduwde de zomer van 1953, een door haat gedreven kindermoord
In dit artikel:
In de zomer van 1953 wordt het Zuid-Limburgse Engelmanshoven opgeschrikt door de verdwijning en moord op de 10-jarige Leopoldine Vansimpsen, beter bekend als Poldinneke. Het meisje logeert bij haar grootvader Victor Vanstapel wanneer ze op 22 juli plots spoorloos verdwijnt. Na een grote zoekactie met politie, rijkswacht, dorpelingen, speurhonden en zelfs een helderziende wordt haar lichaam zes dagen later teruggevonden in een diepe waterput in een boomgaard. Al snel valt de verdenking op buurvrouw Victorine Bergans, een vrouw met een collaboratieverleden die in het dorp al gehaat werd. Bergans bekent dat ze het meisje naar haar huis lokte, haar doodde en het lichaam eerst verstopte om de politie te misleiden. De moordzaak groeit uit tot een nationale schok, met een massale begrafenis en een jarenlang aanslepend assisenproces. In 1956 wordt Bergans schuldig bevonden en tot levenslange dwangarbeid veroordeeld, terwijl andere betrokkenen worden vrijgesproken. Volgens haar latere bekentenissen speelde een combinatie van haat, familiale spanningen en een conflict rond een zwangerschap en abortus mee in het drama. De zaak leidde zelfs tot een debat over het gebruik van een waarheidsserum in het Belgische gerecht.
Vandaag Inside: Wilfred, Merel en Dave gaan voor prankcall In de Wandelgangen en bellen Bas Nijhuis en Chris Woerts