'Moord! Moord!' riep de papegaai tijdens het Pachtersoproer van 1748: kort daarna werd hij onthoofd

zaterdag, 27 juni 2026 (03:31) - Het Parool

In dit artikel:

In de zomer van 1748 liep het verzet tegen belastingpachters uit op het Pachtersoproer, een golf van rellen die vanuit Groningen en Friesland naar andere steden oversloeg en op 24 en 25 juni Amsterdam bereikte. Aanleiding was de woede over het systeem waarbij particuliere pachters het recht kregen om belastingen te innen en daar vaak rijk van werden, terwijl veel burgers economische tegenspoed ervoeren. In Amsterdam begon het geweld op de Botermarkt, het huidige Rembrandtplein, waar schutters op de menigte schoten en drie doden vielen. Daarna werden de huizen van pachters aangevallen, onder meer dat van wijndirecteur Abraham van Arssen aan de Keizersgracht, waar plunderaars volgens de overlevering duizenden flessen wijn vonden.

Het bijzondere van deze beschrijving is dat niet alleen spullen, maar ook dieren slachtoffer werden van het oproer. In verschillende huizen werden honden mishandeld en papegaaien gedood, terwijl andere vogels juist werden losgelaten. Zo moest de papegaai van een huidenpachter zijn luidruchtige protest met de dood bekopen, terwijl de kanaries, putters en vinken van een andere pachter werden vrijgelaten. Toch laat de geschiedenis ook zien dat de relschoppers niet puur roofzuchtig te werk gingen: ze maakten onderscheid tussen vernielen en stelen, en soms werd zelfs mededogen getoond, bijvoorbeeld tegenover een dienstmeid die haar spaargeld terugkreeg en een hond die bij haar pachter mocht blijven. Daarmee onthult het verhaal niet alleen het geweld van het oproer, maar ook de sociale spanningen en de scherpe tegenstelling tussen rijke pachters en het gewone stadsvolk.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Dominique Schreinemachers begrijpt verbanning Ronnie Flex en Lil' Kleine bij Vierdaagsefeesten