Mondzorg uit mededogen: naar de tandarts in Havelte kost niets
In dit artikel:
In het Drentse dorp Havelte opende begin vorig jaar tandartspraktijk Bij Nader Inzien haar deuren: een vrijwilligersproject dat gratis structurele mondzorg biedt aan mensen met een laag inkomen. Initiatiefnemer Fiona Harmsen, afkomstig uit een tandartsenfamilie, zette de praktijk op nadat haar vader na zijn pensioen wilde blijven werken maar voor kwetsbare patiënten. Samen met bijna-gepensioneerde collega’s, twee tandtechnici en een assistente behandelt de praktijk inmiddels meer dan honderd patiënten zonder rekeningen te sturen. Het team werkt grotendeels op vrijwillige basis en gebruikte veelal apparatuur en materialen uit voormalige praktijken; grootste financiële steun komt van Fonds NutsOhra, aangevuld met bijdragen van andere stichtingen en bedrijven.
De praktijk kreeg begin dit jaar de Mondzorg Award van de KNMT omdat ze twee problemen tegelijk aanpakt: het lokaal tekort aan tandartsen en de structurele onbereikbaarheid van mondzorg voor financieel kwetsbaren. Een gemiddelde behandeling bij Bij Nader Inzien kost tussen de 500 en 1000 euro vanwege de vaak sterk verwaarloosde gebitten waarmee mensen komen. Harmsen benadrukt dat kosten niet het enige obstakel zijn: angst en schaamte houden mensen weg van de stoel, waardoor problemen verergeren. Vrijwillig tandarts Lien Ay Tan vertelt dat patiënten hun handen voor de mond houden in de wachtkamer en dat het herstellen van gebitten leidt tot zichtbaar meer zelfvertrouwen; soms ontroert het resultaat mensen tot tranen.
De initiatiefneemster pleit voor terugkeer van mondzorg naar de basisverzekering. Ze wijst erop dat tot 2006 veel mensen via het ziekenfonds kosteloos naar de tandarts konden en dat veranderingen in beleid en verzekeringsstelsel hebben bijgedragen aan de huidige groep financieel kwetsbaren die geen goede toegang heeft tot tandheelkundige zorg.
Die bredere problematiek onderschrijft ook Ellemieke Hin, KNMT-bestuurslid en tandarts. Zij schetst dat Nederland relatief goed scoort in tandartsbezoek, maar dat er nog circa 1,4 miljoen mensen zijn die minder dan eens per twee jaar gaan. Volgens Hin helpen alleen extra geldsommen niet voldoende; drempels zoals angst, schaamte en onbekendheid met zorg moeten worden weggenomen. Praktijken die tijd nemen voor een gesprek, betaalregelingen aanbieden of incidenteel gratis hulp bieden (zoals tijdens de Landelijke Tandartsdag) verminderen die barrière en kunnen uiteindelijk zorgkosten verlagen doordat mensen regelmatig onderhoud plegen in plaats van alleen spoedzorg te zoeken.
Bij Nader Inzien illustreert hoe lokaal vrijwilligerswerk hardnekkige toegangsklachten kan verzachten: het biedt niet alleen directe behandelingen, maar bouwt ook vertrouwen op dat patiënten weer naar reguliere tandartsen kan brengen. De praktijk laat zien dat samenwerking tussen gepensioneerde professionals, fondsen en donaties een werkbaar alternatief kan zijn zolang er geen structurele, landelijke oplossing voor financieel kwetsbaren is.