Moet Nederland het CPB ondanks onwetendheid toch maar koesteren?

woensdag, 17 september 2025 (22:13) - De Volkskrant

In dit artikel:

Een Volkskrant‑journalist en columnist met economische expertise bespreekt de onzekerheid rond koopkrachtprognoses van het Centraal Planbureau (CPB). Toen het CPB dinsdag tegelijk met de Miljoenennota de macro‑economische verkenning (MEV) publiceerde, bleek weer hoe lastig betrouwbare voorspellende cijfers zijn: modellen leveren wel onderbouwde ramingen, maar geen garanties.

Het CPB werkt zoals een sportanalist die op basis van cijfers — groei, productiviteit, investeringen, rente, werkloosheid en inflatie — met wiskundige modellen een uitslag berekent. Die aanpak heeft wortels in de tijd van oprichter Jan Tinbergen, toen centraal geleide beleid meer voorspelbaar maakte en het CPB bijna een mythische status kreeg. Sinds de economie is geliberaliseerd zijn onzekerheden echter groter geworden, waardoor voorspellingen vaker afwijken van de werkelijkheid.

Belangrijke spelers en gebeurtenissen maken prognoses nog kwetsbaarder: onzekere verkiezingsuitkomsten, het moment van kabinetsformatie, en vooral onverwachte schokken zoals natuurrampen, pandemieën, bankencrises of handelsconflicten kunnen alle aannames van tafel vegen. Pogingen om een alternatief instituut op te zetten (zoals Nyfer in de jaren negentig) bleken niet blijvend succesvol; discussie over het nut van het CPB keert telkens terug—zelfs politieke tegenstanders hebben het bureau niet definitief kunnen vervangen.

Toch is het CPB onmisbaar als onafhankelijke toetsing van politieke begrotingen; de Europese Commissie noemde Nederlandse ramingen vorig jaar een van de drie meest accurate in de EU. De columnist besluit met de gedachte dat zo’n voorspeller in de voetbalwereld goud waard zou zijn — in de politiek blijft hij evenwel slechts een noodzakelijke, maar imperfecte gids.