Mismatch op Amsterdamse woningmarkt groeit: meer vraag naar sociale huur én naar dure koopwoningen, maar het aanbod groeit niet mee
In dit artikel:
Onderzoek Wonen in de Metropoolregio Amsterdam 2025 toont dat vraag en aanbod op de woningmarkt in Amsterdam en omliggende gemeenten verder uit elkaar zijn gegroeid. De dienst Onderzoek & Statistiek combineerde CBS-cijfers met een enquête onder ruim 52.000 huishoudens en concludeert dat tussen 2023 en 2025 de vraag naar woningen toenam terwijl het voorraadniveau licht daalde.
Belangrijkste uitkomsten:
- Koop versus huur: 63 procent van de verhuizenzoekenden zoekt een koopwoning, maar binnen die groep verschuift de vraag sterk richting dure koopwoningen (vanaf circa €486.000). Veel kopers zitten door overwaarde in een hoger prijssegment. Tegelijkertijd groeit de vraag naar sociale huur, vooral onder starters, terwijl het aanbod van sociale huurwoningen niet meegroeit.
- Middenhuur en dure huur: De vraag naar middenhuur (ongeveer €900–€1.185 p/m) en dure huur blijft relatief beperkt. De gemeente en het nieuwe coalitieakkoord van PRO Amsterdam en D66 willen meer middenhuur realiseren; zowel vraag als aanbod in dit segment zijn recent licht gedaald. Bij duurdere huurwoningen nam de vraag toe terwijl verkoop door verhuurders (door nieuwe regelgeving) het aanbod terugdrong en vraag en aanbod dichter bij elkaar bracht.
- Verhuisbereidheid en doorstroming: 28 procent van de huishoudens wil zeker binnen twee jaar verhuizen (tegen 25% in 2019). Veel Amsterdammers verhuizen later naar een koopwoning in omliggende gemeenten, waardoor Amsterdam meer een instapmarkt wordt voor gezinnen.
- Ouderenhuisvesting: Ongeveer de helft van huishoudens boven 65 vindt hun woning ongeschikt om oud te worden; 36 procent daarvan wil verhuizen. De coalitie wil extra woningen voor ouderen en stelde Alexander Scholtes aan als wethouder Senioren.
- Voorraad en betaalbaarheid: Per 1 januari 2025 telt de MRA circa 1,23 miljoen woningen; Amsterdam groeide in 2024 het meest in absolute aantallen (bijna 6.000 nieuw). Lage inkomens vormen 44 procent van de huishoudens, maar slechts 36 procent van de woningen is voor hen betaalbaar. Hoewel het aantal koopwoningen iets toenam en er meer woningen onder de betaalbare koopgrens kwamen, blijven veel lage en middeninkomens uitgesloten.
- Woonlasten: Betaalbaarheid verbeterde voor sociale huurders: het aandeel dat maximaal 30% van inkomen aan wonen kwijt is steeg van 41% in 2023 naar 56% in 2025. Voor middenhuurders verslechterde de situatie (30% besteedt nu meer dan 40% van hun inkomen aan woonlasten), en bij dure huur betalen 1 op de 5 huishoudens meer dan de helft van hun inkomen aan wonen—vooral jonge alleenstaanden en eenoudergezinnen met lage inkomens.
Conclusie: De MRA kampt met een tweedeling: groeiende vraag naar zowel betaalbare sociale huur als dure koopwoningen, terwijl het aanbod niet aansluit. Doorstroming, gerichte bouw van middenhuur en seniorenwoningen en extra betaalbare koopwoningen zijn cruciaal om de druk op de markt te verlichten.
Het Oranje Café: Arnaut Danjuma vertelt over Abdelhak Nouri: 'Ik ben eergisteren nog bij hem thuis geweest'