Misdaadverslaggever Gerlof Leistra: In de ogen van Arabische crimineel zijn wij christenhonden
In dit artikel:
Misdaadverslaggever Gerlof Leistra zegt dat hij doorgaans rechtstreeks op criminelen afstapt, maar zijn veiligheid altijd vooropstelt. Toen een leider van de verboden motorclub Satudarah hem telefonisch bedreigde vanwege een publicatie, ging Leistra de volgende dag naar het clubhuis in Tilburg. Het open gesprek dat daarop volgde, leverde volgens hem wederzijds respect op. Ook sprak hij ooit met de geliquideerde crimineel Sam Klepper, die hem informatie gaf over veertien liquidaties met de voorwaarde die pas na zijn dood te publiceren. Leistra hield zich daaraan, omdat publicatie tijdens Kleppers leven hem mogelijk zelf het leven had gekost.
Om te voorkomen dat hij door criminelen wordt gemanipuleerd, vergelijkt Leistra hun verhalen met informatie van advocaten, rechercheurs en nabestaanden. Hij reageert ook op de gewelddadige actie in Overasselt, waar tientallen zwaarbewapende mannen vermoedelijk drugscrimineel Jan G. wilden liquideren. Daarbij werd een beveiliger gedood en raakten twee agenten gewond. Leistra noemt de operatie amateuristisch: de groep bewoog zich zichtbaar door het dorp, verkende volgens hem geen goede vluchtroutes en beschikte over onvoldoende schietvaardigheid. Hij verwacht niet dat zulke gewapende groepen binnenkort op grote schaal door Nederland zullen trekken.
Nederland heeft volgens Leistra wel degelijk een ernstig drugsprobleem, met machtige figuren als Ridouan Taghi en Bolle Jos, maar is geen narcostaat. De regering werkt volgens hem niet samen met de drugsmaffia. De politie krijgt van hem lof voor de snelle opsporing na Overasselt, waarbij onder meer helikopters, drones en kentekenherkenning werden ingezet. Wel vindt hij het zorgelijk dat later nog wapens bij een school werden gevonden.
De moorden rond het Marengoproces—op de broer van kroongetuige Nabil B., advocaat Derk Wiersum en misdaadverslaggever Peter R. de Vries—illustreren volgens Leistra de verharding van de georganiseerde misdaad. Hij zegt dat geweld en meedogenloosheid zijn toegenomen, al koppelt hij die ontwikkeling in het interview ook aan generaliserende uitspraken over bepaalde groepen. Tegelijk benadrukt hij dat hij veel Marokkaanse en Turkse Nederlanders kent die goed functioneren.
Leistra wijst erop dat het aantal moorden sterk is gedaald: van ruim 280 in 1992 naar 102 in het vorige jaar, een laagterecord. Toch steeg het aandeel Nederlanders dat zich onveilig voelt van 33 procent in 2019 naar 37 procent in 2025. Volgens hem versterken sociale media dat gevoel, terwijl ook woninginbraken, autodiefstallen en straatgeweld zijn afgenomen. Wel ziet hij meer overlast in steden en vindt hij dat de politie door personeelstekort te weinig aangiftes behandelt. De politie doet volgens hem over het algemeen goed werk, maar is in het straatbeeld te weinig zichtbaar, vooral ’s nachts rond stations. Demonstraties leggen bovendien veel capaciteit vast.
Over een moord binnen een reformatorische familie in Gouda zegt Leistra dat gesloten gemeenschappen niet gevrijwaard zijn van ernstig geweld. Op zedelijk gebied kan volgens hem juist de gesloten cultuur extra problemen verhullen. Zelf groeide hij op in een gereformeerd gezin, maar gaat hij niet meer naar de kerk en gelooft hij niet in een hiernamaals. Wel zegt hij christelijke waarden te hebben behouden, zoals hard werken en opkomen voor anderen. Hij gaat niet automatisch uit van het slechte in mensen, maar is evenmin naïef.
Tot slot positioneert Leistra zich als een linkse buitenstaander binnen Elsevier, waar hij jarenlang werkte. Hij vindt de koers van het blad te rechts en te veel gericht op mensen die het al goed hebben. Hij is kritisch op Donald Trump, tegen de afschaffing van ontwikkelingshulp en veroordeelt zowel de Hamas-aanval van 7 oktober 2023 als het Israëlische optreden in Gaza, dat hij als genocide beschouwt. Zijn politieke sympathie ligt volgens hem meer bij mensen die maatschappelijke steun nodig hebben.
Vandaag Inside: René geniet van jarige Dick Advocaat: ‘Blijf dat lekker tot je dood doen!’