Minimumloon en zwangerschaps­verlof zijn binnenkort te omzeilen met EU-Inc, vreest vakbondsleider

zondag, 17 mei 2026 (06:08) - Follow the Money

In dit artikel:

Brussel overweegt een nieuwe Europese vennootschapsvorm—vaak aangeduid als EU‑Inc of het ‘28e regime’—die bedoeld is om start-ups en snelle groeibedrijven het makkelijker te maken binnen de EU uit te breiden zonder telkens nieuwe rechtspersonen in elk land te moeten oprichten. De Europese Commissie presenteerde het voorstel in maart; doel is administratieve lasten, kosten en grensoverschrijdende fricties te verminderen en zo concurrentiepositie en investeringen te stimuleren.

Voorstanders, waaronder succesvolle jongerenbedrijven zoals Revolut, zien in één gemeenschappelijk regime een kans om versnippering in vennootschapsrecht, insolventie en belastinghandelingen aan te pakken en aantrekkelijker te worden voor talent en kapitaal. Ook voor kleinere ondernemingen zouden praktische voordelen volgen: minder juridische rompslomp bij het openen van vestigingen in andere lidstaten.

Maar de plannen wekken felle tegenwind van rechtsbijstand, notarissen, beleggers en vooral de vakbonden. De Europese vakbondskoepel ETUC, geleid door Esther Lynch vanuit Brussel, waarschuwt dat EU‑Inc werknemersrechten kan uithollen door bedrijven in staat te stellen arbeidsinspecties te ontwijken, nationale arbeidsregels te omzeilen, gegarandeerd loon te vervangen door aandelenopties en medezeggenschap te ondermijnen. Lynch noemt het voorstel met forse woorden “alle kenmerken van een ramp die we zelf creëren” en bereidt intensieve lobbyacties voor, met het oog op een vergadering van EU‑ministers van Sociale Zaken in juli.

Een centraal juridisch twistpunt is dat veel beschermende passages in het voorstel in de vorm van overwegingen (niet‑bindende onderdelen) zijn opgesteld. De Commissie stelt dat EU‑Inc geen betrekking heeft op sociale zekerheid of nationale arbeidsregels, maar vakbonden en sommige juristen vrezen dat die verduidelijking onvoldoende is. Ze wijzen op praktijkproblemen: ook al bepaalt Europese regelgeving zoals Rome I dat het arbeidsrecht van de werkplek geldt, voor een individuele werknemer is het vaak ondoenlijk om een buitenlandse procedure te starten en een uitspraak in een andere lidstaat te doen gelden—een obstakel dat forumshopping aantrekkelijk maakt.

Professor Luca Enriques (Bocconi) nuanceert de paniek: volgens hem staan bestaande regels in Rome I al in de weg van grootschalig vermijden van nationale arbeidsnormen, en rechters hebben bedrijven die dergelijke regels willen ontduiken vaak al teruggefloten (een voorbeeld is de rechtszaak tegen Ryanair waarin een Poolse werknemer in Nederland het Nederlandse recht toegewezen kreeg). Toch erkent hij concrete risico’s, zoals het omzeilen van drempelregels voor medezeggenschap (bijvoorbeeld ondernemingsraden vanaf vijftig werknemers) door vestiging in andere lidstaten.

Andere zorgen: notarissen vrezen dat de geplande versnelde registratie hun rol als poortwachter vermindert, juist nu strengere antiwitwasregels komen; investeerders waarschuwen dat beschermingen voor aandeelhouders bij beursintroducties van EU‑Inc‑bedrijven mogelijk ontbreken. ETUC pleit daarom voor bindende garanties in de wetgeving die arbeidsrechten expliciet en afdwingbaar maken in de werkstaat, niet alleen in overwegingen.

Politiek is de zaak nog open: het voorstel moet nog door hoofdsteden en het Europees Parlement en kan worden aangepast. Voorstanders benadrukken harmonisatie als middel om Europese bedrijven concurrerender te maken, terwijl critici benadrukken dat concurrentiekracht beter bereikt wordt door te investeren in technologie, scholing en arbeidskrachten dan door sociale normen te verlagen of juridische complexiteit te introduceren. De uitkomst zal bepalen of EU‑Inc een administratieve versnelling voor groei wordt of aanleiding tot langdurige juridische en sociale conflicten over werknemersbescherming en jurisdictie.