Minderjarigen in Groningen en Drenthe komen steeds vaker in aanraking met vuurwapens. 'Steeds meer jongeren vinden vuurwapen normaal'

zondag, 17 mei 2026 (07:28) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

In oktober werden twee jongens (15 en 16) opgepakt na een straatroof in Zuidlaren; een speurhond vond daarbij een tas met twee vuurwapens nabij de Zuidlaarderweg. Dit is een voorbeeld van een breder probleem in Noord‑Nederland: vuurwapenbezit onder minderjarigen lijkt steeds normaler te worden en wordt vaker als statussymbool gebruikt. Volgens politie Noord‑Nederland worden in Drenthe, Friesland en Groningen bijna elke twee weken minderjarigen betrapt met een vuurwapen; vorig jaar nam de politie 24 vuurwapens in beslag bij jongeren onder de 18 en trof bovendien veel nepwapens aan.

Politiecoördinatoren Harm Bos (Zorg en Veiligheid) en Judith Egging (jeugd) signaleren dat de drempel om aan wapens te komen fors is gedaald. De digitale leefwereld speelt een centrale rol: jongeren raken via games, chatgroepen en social media in aanraking met wapens, vaak via een geleidelijke route van interesse naar bezit en pronken online tot het meenemen op straat of dreigen in conflictsituaties. Het anoniem en snelle karakter van het internet vergroot de kans dat tieners in steeds risicovollere online kringen belanden.

De politie behandelt neppistolen in de praktijk hetzelfde als echte wapens omdat ze in dreigende situaties moeilijk van echt te onderscheiden zijn. Bij meldingen van mogelijke vuurwapens wordt standaard met kogelwerende vesten en de veronderstelling van het zwaarste scenario gereageerd, wat ook voor de betrokken jongeren grote risico’s kan betekenen. Vuurwapenbezit is strafbaar; jongeren die gepakt worden kunnen een strafblad en blijvende gevolgen voor hun toekomst krijgen, en bij daadwerkelijk gebruik zijn de gevolgen onomkeerbaar.

Hoewel het aantal wapens onder jongeren stijgt, leidt dat niet per se tot meer schietpartijen; vaker worden wapens ingezet om mee te dreigen bij straatroven of ruzies. Incidenten met dodelijke afloop komen wel voor, maar zijn relatief zeldzaam. Een recent voorbeeld is de fatale schietpartij in juli vorig jaar in Coevorden, waarbij de 21‑jarige Remmelt Wolters uit Emmen om het leven kwam; een toen 16‑jarige en een 24‑jarige worden verdacht en staan of zullen terechtstaan.

De politie reageert op meerdere fronten: direct opsporen en inbeslagname bij signalen, huis‑ en voertuigdoorzoekingen, en steeds intensievere monitoring van online platforms. Nieuwe technieken worden ingezet om automatisch beelden van wapens te detecteren. Daarnaast probeert de politie vroegtijdig in te grijpen door jongeren te bereiken via games en sociale media, zichtbare jeugdagenten in wijken, samenwerking met scholen en jongerenwerk, en voorlichtingslessen met een mobiel medialab over groepsdruk en online verleiding.

Egging en Bos benadrukken ook de rol van ouders en scholen: veel online ervaringen van jongeren blijven voor volwassenen onzichtbaar, dus nieuwsgierigheid naar en toegankelijkheid tot de digitale leefwereld van kinderen is cruciaal. Door open communicatie en een veilige band kunnen ouders eerder signalen oppikken en mogelijk voorkomen dat jongeren doorslaan naar wapenbezit of -gebruik.