Minder huizen, meer kwetsbare mensen: dakloosheid Groningen neemt toe. 'Het zijn echt niet alleen de verslaafden die bij ons aankloppen'
In dit artikel:
De monitor dakloosheid Groningen 2025 laat opnieuw een toename van dakloosheid zien, een ontwikkeling die ook landelijk zichtbaar is. Onderzoekers en hulpverleners noemen een opeenstapeling van oorzaken: de krappe woningmarkt, groeiende financiële en psychische kwetsbaarheid, minder beschikbare tijdelijke opvangplekken en terughoudendheid van familie of vrienden om onderdak te bieden.
De samenstelling van de groep daklozen is veranderd. Het zijn niet langer vooral stereotype verslaafde, verwarde mannen; steeds vaker gaat het om jongeren die het huis uit moeten, vrouwen na huiselijk geweld of echtscheiding, alleenstaande ouders, mensen die uit de maatschappelijke opvang komen, arbeidsmigranten en uitgeprocedeerde asielzoekers zonder verblijfsrecht. Veel van deze mensen hebben geen of weinig zorgvraag maar vooral behoefte aan betaalbare huisvesting. Meer dan de helft van de dak- en thuislozen verblijft niet in reguliere opvang maar slaapt bij bekenden of in vakantieparken.
Een opvallende concrete stijging is het aantal buitenslapers in Groningen: van 269 naar 362 in 2025. Hulpverleners wijzen erop dat onder meer mensen zonder verblijfsstatus moeilijk toegang tot opvang hebben en mogelijk nog niet goed in beeld zijn. Ook signaleren zij dat het complexer wordt om mensen door te laten stromen uit opvang en zorg, mede door landelijke bezuinigingen en beleidswijzigingen in de geestelijke gezondheidszorg.
Als oplossing pleiten betrokkenen voor het principe ‘Wonen Eerst’ (Housing First): eerst een stabiele woonplek regelen, daarna eventuele zorg aanbieden. De gemeente Groningen heeft dit uitgangspunt opgenomen in haar Actieplan Dakloosheid, maar realiseert zich dat uitvoering lastig is zolang de woningmarkt krap blijft. Onderzoekers zeggen dat wachten op structurele verbetering van het woningaanbod geen optie is en dat er creatieve en versneld toegepaste woonoplossingen nodig zijn om mensen te voorkomen dat ze tussen wal en schip vallen.