Miljardeningrepen in hypotheekrenteaftrek geopperd, maar hoe groot is het probleem eigenlijk?
In dit artikel:
Het ministerie van Financiën publiceert deze week een rapport over een uitvoeringsprobleem rond de hypotheekrenteaftrek: de in 2001 ingevoerde 30‑jaarstermijn leidt vanaf 2031 voor het eerst tot groepen huiseigenaren die tegen die grens aanlopen, terwijl het onduidelijk is wie precies nog recht heeft op aftrek. Door privacyregels bewaart de Belastingdienst veel oude hypotheekstukken niet en veel eigenaren hebben zelf geen helder overzicht van hun hypotheekvorm en resterende termijn.
Ambtenaren hebben berekend welke omvang het probleem kan krijgen en welke beleidsopties er zijn. Een belangrijke conclusie is dat het financiële effect sterk afhangt van wat het kabinet besluit. Volledig afschaffen van de 30‑jaarstermijn (mensen dus onbeperkt renteaftrek laten behouden) zou gemiddeld circa 1,4 miljard euro per jaar kosten over de periode waarin het probleem speelt (grofweg 2031–2042); expliciet loslaten van de 30 jaar kost in 2031 bijna 900 miljoen euro. Als het kabinet niets doet en de termijn formeel in stand laat maar niet strak handhaaft, schatten ambtenaren de extra jaarkosten veel lager: ongeveer 100 miljoen euro in 2031, oplopend in de jaren daarna. Dat verschil komt deels doordat veel mensen zich toch aan regels houden en sommigen zelfs te vroeg stoppen met aftrek uit onzekerheid.
Desondanks vinden de ambtenaren dat ingrijpen nodig is vanwege handhaafbaarheid en eerlijkheidsargumenten: zonder maatregel kunnen bepaalde huiseigenaren tientallen jaren langer rente aftrekken dan bedoeld, terwijl anderen hun lening hebben afgelost en het voordeel al lang kwijt zijn.
De voorgestelde maatregelen zijn ingrijpend. Varianten omvatten onder meer het schrappen van aftrek voor alle hypotheken afgesloten vóór 2013, of het verplicht laten oversluiten van aflossingsvrije leningen naar annuïtaire of lineaire (aflossende) hypotheekvormen vóór 2031 om het fiscale voordeel te behouden — eventueel met een overgangsperiode tot 2042 of tot aflossing. Alle serieuze ingrepen zouden de schatkist gemiddeld ruim 1 miljard euro per jaar besparen, maar verhogen de woonlasten voor de betrokken eigenaren aanzienlijk.
Politiek botst dit met het coalitieakkoord, waarin VVD, D66 en CDA afspraken de regels rond het eigen huis ongewijzigd te laten. VVD-ministers verzetten zich tegen inperking, D66‑staatssecretaris Eerenberg wijst op de afspraken, maar CDA-leider Bontenbal en delen van D66 tonen enige bereidheid tot aanpassing. VVD-vicepremier Yesilgöz noemt het vooral een technisch probleem en suggereert dat eventueel een volgend kabinet besluiten moet nemen.
Kortom: Financiën signaleert een handhaafbaarheids- en rechtvaardigheidsprobleem rond de 30‑jaarstermijn van de hypotheekrenteaftrek met grote financiële en politieke gevolgen, maar de reële kosten en de keuze tussen behoud, beperkte interventie of stevige hervorming zijn afhankelijk van politieke afwegingen.