Militairen leren in Havelte drones besturen en ontwijken. 'Ik wil ondergronds zitten. Anders word je zo vernietigd door de vijand'
In dit artikel:
Een klein experiment met drones in Havelte is binnen een jaar uitgegroeid tot een volwaardig peloton binnen het 45ste pantserinfanteriebataljon. Het team, dat vorig jaar met acht militairen in een bosje begon, telt inmiddels zo’n zestig drones en wordt binnenkort met 55 personen ingezet tijdens een grote oefening in Duitsland.
Op het oefenterrein achter de Johannes Postkazerne trainen de dronepiloten en voetstrijders tegen elkaar. De Alfacompagnie oefent op het vermijden en uitschakelen van aanvalsdrones; het dronepeloton zoekt juist infanterie op met verkennings- en aanvalsapparaten die met fpv-brillen worden bestuurd en met hoog tempo over het slagveld scheren. Om overleving te vergroten groeven de initiatiefnemers oorspronkelijk zelfs een ondergrondse bunker in het terrein, met plek voor twaalf man — een teken van de kwetsbaarheid van operatoren die ver van het front geplaatst worden om snelle uitschakeling te voorkomen.
Defensie trekt lering uit de oorlogservaringen in Oekraïne, waar zowel kleinschalige kamikazedrones als grotere aanvalstoestellen dagelijks ingezet worden. Dat heeft de landmacht doen besluiten in april een Task Force Drones op te richten, met op termijn ruimte voor ongeveer 1.200 medewerkers om coördinatie en invoering van drones te regelen. De technologische vooruitgang is snel: kleine toestellen halen tegenwoordig zo’n 400 kilometer, de grotere modellen uit conflictgebieden tot rond de 1.000 kilometer.
Externe partners zoals droneleverancier DeltaQuad begeleiden het peloton bij oefenmomenten; het bedrijf levert ook systemen aan Oekraïne. De noodzaak om bij te blijven is volgens kapitein Rogier — een schuilnaam — duidelijk. Lessen uit recente oefeningen tonen de kracht van goed getrainde drone-operators: in Estland werden Britse eenheden zwaar geraakt door Oekraïense teams, en op het Zweedse eiland Gotland werden Zweden meerdere keren uitgeschakeld tijdens een training. „Niets doen is geen optie”, zegt Rogier over de snelle technologische ontwikkeling; zijn eenheid is daarom verdubbeld en blijft zich technisch verbeteren.
Kortom: drones vormen een steeds dominanter wapen in moderne oorlogvoering; Nederland bouwt capaciteit op en traint actief om tactieken tegen en met drones te ontwikkelen, mede gedreven door praktijkervaringen uit Oekraïne en NAVO-oefeningen.