Milieuorganisatie over nieuw Nederlands schip: 'Een technologisch hoogstandje, maar het zal de oceaan vernietigen'

vrijdag, 15 mei 2026 (11:02) - Het Parool

In dit artikel:

De nieuwe Nederlandse trawler Annie Hillina, gedoopt door vissersbedrijf Parlevliet & Van der Plas in IJmuiden, heeft in Frankrijk voor stevige onrust gezorgd. Het schip is 112 meter lang, telt ongeveer zestig bemanningsleden en zou dagelijks tot circa 400 ton vis kunnen aanlanden; aan boord wordt de vangst direct verwerkt en ingevroren. Parlevliet & Van der Plas, een grote vismultinational uit Katwijk met zo’n achttien vestigingen en duizenden medewerkers, zegt zich aan de Europese quota te houden. De Annie Hillina zal zowel in Europese wateren als in de Stille Oceaan opereren.

Langs de Noord-Franse kust – onder andere in Boulogne-sur-Mer – worden de alarmbellen geluid. Kleinere vissers zien het enorme schip als een existentiële bedreiging voor hun visbestanden en hun inkomsten. Een Franse visser vatte het samen: “Dit is niet eens meer oneerlijke concurrentie. Dit betekent gewoon het einde voor ons kleine vissers.” Critici noemen het vaartuig een ‘drijvende fabriek’ en milieuorganisaties waarschuwen dat moderne, grootschalige schepen de kleinschalige visserij en het zeeleven onder druk zetten.

De Franse overheid onderzoekt juridische stappen om de lokale vissers te beschermen, al wordt erkend dat de Franse sector al jaren in zwaar weer verkeert. Gemiddeld is een Franse vissersboot slechts 10,9 meter lang, ruim dertig jaar oud en bemand door 2–3 mensen. Tussen 2002 en 2022 is het aantal vissersschepen met ongeveer 24 procent afgenomen; in 2022 werkten nog 12.300 mensen op zeevissersschepen, 13 procent minder dan tien jaar eerder. In Bretagne – waar de kleinschalige vloot cruciaal is voor de lokale economie – zijn 98 procent van de schepen kortdurend actief (maximaal 24 uur) en driekwart is maximaal 12 meter lang.

De aankomst van grotere Nederlandse schepen voedt daarmee al langere tijd wrijvingen met Franse (en soms Britse) vissershavens. De huidige discussie draait niet alleen om wettelijkheid, maar ook om verschillen in schaal, technologie en draagkracht van visbestanden. Terwijl Parlevliet & Van der Plas wijst op quota-naleving en offshore efficiëntie, vrezen kleine kustgemeenschappen dat zulke XXL-schepen hun voortbestaan verder ondermijnen.