Mijn tranen geven de macabere onderstroom van Tom erkenning | Column Froukje Jackson
In dit artikel:
In een geanonimiseerde casus van GZ-psychologen Froukje Jackson en Irma van Steijn beschrijft de auteur een recente therapiesessie met "Tom", die al langere tijd met sombere klachten kampt en zijn toestand poëtisch omschrijft als "de macabere onderstroom". Het probleem komt in het hier en nu naar voren wanneer zijn vriendin Amber het onderwerp samenwonen aansnijdt; Tom voelt zich angstig en vreest ouderlijke patronen te herhalen.
Tijdens de sessie deelt Tom meer over zijn jeugd: een thuissituatie met vaak ruziënde ouders en een moeder die langdurig somber was, waardoor hij zich als enig kind vaak naar buitenshuis vluchtte en een diep geworteld gevoel van niet erbij horen ontwikkelde. Die oude eenzaamheid en het idee niet belangrijk te zijn, steken opnieuw de kop op nu de relatie een volgende fase ingaat.
De therapeutische ontmoeting is emotioneel: de behandelaar wordt zichtbaar geraakt en huilt, iets wat Tom niet ongemakkelijk maakt maar eerder als erkenning ervaart. Zijn reactie — "Ik vind het niet leuk voor jou dat je huilt, maar… het voelt ook als erkenning" — versterkt het gevoel van gedeelde menselijkheid en veiligheid in de kamer. Aan het einde overweegt Tom openheid naar Amber: samen kan de onderstroom worden onderzocht en verminderd.
Kortom: de column toont hoe het blootleggen van vroegere ervaringen in de therapie, en het tonen van authenticiteit door de therapeut, kan helpen patronen te herkennen en ruimte te maken voor kwetsbare gesprekken binnen een relatie.