Mijn daad van verzet tegen het Jetten-kabinet
In dit artikel:
De auteur, die in het verleden twee keer op D66 stemde maar telkens snel spijt had, uit felle teleurstelling over de koers van de partij sinds de presentatie van het regeerakkoord. Wat aanvankelijk beloofd werd als vooruitgang blijkt volgens hem in de praktijk ten koste te gaan van de meest kwetsbaren: mensen met lage inkomens, bijstandsontvangers en anderen die slecht vertegenwoordigd zijn in Den Haag. Concrete pijnpunten die hij noemt zijn onder andere een hogere eigen bijdrage voor zorg voor mensen met een uitkering, gecombineerd met verlagingen of verkortingen van uitkeringen — maatregelen die volgens hem zorgmijding en op termijn hogere kosten stimuleren.
Naar aanleiding van een Volkskrant-artikel (1 februari) over D66-leider Rob Jetten en de verschuiving terug naar ‘activeren’ besloot de auteur als daad van verzet lid te worden van vakbond FNV; als gedeeltelijk arbeidsongeschikte kreeg hij direct 50% korting op het lidmaatschap. Zijn motivatie is zowel persoonlijk (als iemand met laag inkomen) als solidariteit met groepen die de welvaartsstaat hebben opgebouwd of in zware, vaak slecht betaalde, onzekere banen werken — waaronder zorgpersoneel en arbeidsmigranten die bij ziekte ook hun huisvesting kunnen verliezen.
Ter illustratie refereert hij aan een anekdote over Franse presidentskandidaten die benadrukt dat verkiezingsbeloften soms vooral dienen om de verkiezingen te winnen, niet om ze na te komen. Of die anekdote historisch klopt, doet er voor hem niet toe: ze vat voor hem de teleurstelling samen over hoe beloften van D66 zijn vertaald in beleid dat de rekening bij de kwetsbaarsten legt.