Mieke (70) onderging 'homogenezingstherapie': 'Ik hoopte bij God in een goed blaadje te komen'
In dit artikel:
De Eerste Kamer debatteert vandaag over een wetsvoorstel dat vorig jaar al door een meerderheid in de Tweede Kamer is aangenomen. Volgende week wordt er gestemd, maar uit de collega’s in de Senaat blijkt al dat een meerderheid voor de wet zal stemmen: PRO, VVD, D66, SP, Partij voor de Dieren, Volt, Fractie‑Visseren‑Hamakers en het CDA steunen het verbod op conversietherapie.
De 70‑jarige Mieke illustreert waarom voorstanders pleiten voor een verbod. In de jaren tachtig, nadat ze in 1982 met een man trouwde en later kinderen kreeg, ontdekte ze rond 1987 dat ze op vrouwen viel. Omdat ze tegelijkertijd vasthield aan haar geloof, zocht ze steun in verschillende kerken. In die gemeenschappen onderging ze conversiepraktijken: langdurig bidden, gillen, tongentaal en uitspraken dat ze bezeten zou zijn door een “homo‑demoon”. Die interventies moesten haar volgens de kerkgangers genezen; Mieke voelde zich daardoor als een “foutje” in de ogen van God en raakte diep gekwetst.
Decennialang onderdrukte ze haar gevoelens. Pas na een echtscheiding in 2000 en met hulp van een psycholoog kwam er ruimte voor verwerking; in 2017 kwam ze formeel weer uit de kast. De littekens van de religieuze “genezingen” zijn blijvend: ze vraagt zich nog vaak af hoe haar leven eruit zou hebben gezien als ze destijds vrij had durven zijn. “Je bent kwetsbaar,” zegt ze, en benadrukt dat zoeken naar geborgenheid in kerkelijke kring mensen juist ernstig kan beschadigen.
Mieke juicht het komende verbod toe: zij hoopt dat de wet duidelijk maakt dat zulke praktijken onacceptabel en schadelijk zijn. Als extra context: conversietherapie wordt internationaal door veel medische en psychologische organisaties afgekeurd vanwege bewezen schade en gebrek aan effectiviteit, reden waarom wetgevers steeds vaker tot een verbod overgaan.