Met transgenderwet op de helling voelt Indiase lhbti-gemeenschap zich uitgewist
In dit artikel:
Het Indiase parlement heeft met spoed een wetswijziging aangenomen die het voor transgender- en non-binaire mensen veel lastiger maakt om door de staat erkend te worden. Waar sinds 2014 officiële documenten naast man en vrouw ook een „derde sekse” toelieten, stelt de nieuwe regel dat zelfidentificatie niet meer volstaat: erkenning vereist nu goedkeuring van een medisch specialist en een overheidsambtenaar. Kort na de stemming gingen in New Delhi kleine groepen activisten de straat op uit protest.
De regering verdedigt de maatregel als een manier om de term „transgender” te verduidelijken zodat beleid en hulp beter kunnen aansluiten. Voor veel activisten staat dat echter haaks op de praktijk: zij zien de wijziging als een ontneming van hun autonomie en als een herindeling die hen terugdringt naar de marge. Critici wijzen erop dat gender in India historisch en cultureel veel breder is dan enkel man of vrouw — met identiteiten als Hijra, Jogappas en Khoti — en dat veel mensen geen medische ingreep ondergaan maar toch een genderidentiteit hebben buiten het binaire model.
Belangrijke context: het Indiase Hooggerechtshof erkende in 2014 transpersonen als „derde sekse” en stelde sindsdien het recht op zelfidentificatie vast; in 2019 werd dat juridisch vastgelegd. De nieuwe wet draait dat principe terug: alleen mensen met bepaalde biologische of fysieke kenmerken — waaronder intersekse personen en leden van traditionele hijra-gemeenschappen — komen nog automatisch in aanmerking. Dat kan betekenen dat veel trans en non-binaire mensen hun rechtspositie verliezen, met onduidelijke gevolgen voor zaken als burgerlijke status en huwelijksrechten (India verbiedt wettelijk huwelijken tussen partners van hetzelfde geslacht).
Daarnaast bevat de wijziging een verbod op het „beïnvloeden” van iemand om zich als trans te identificeren of een geslachtsverandering te ondergaan. Dat aanbod kan medisch personeel, hulpverleners en mensenrechtenorganisaties in een juridisch lastig parket brengen en wordt door voorstanders van transrechten gezien als een middel om zorg en ondersteuning te criminaliseren.
Activisten vrezen dat de aanpassing een eerste stap is richting volledige intrekking van eerdere beschermingen en dat de vooruitgang van de afgelopen jaren tientallen jaren kan terugdraaien. De wet treedt definitief in werking zodra president Droupadi Murmu het wetsstuk ondertekent; verwacht wordt dat zij dit spoedig zal doen. De discussie legt de spanning bloot tussen staatsregulering van gender en het zelfbeschikkingsrecht van mensen die zich buiten het binaire geslachtsmodel plaatsen.