Met minderheidscoalitie is het zoeken naar juiste toon: 'Ons past nederigheid'
In dit artikel:
Het debat in de Tweede Kamer over het akkoord van de nieuw gevormde minderheidscoalitie van D66, VVD en CDA draaide dinsdag vooral om het zoeken naar een nieuwe manier van politiek bedrijven. Met een kabinet dat geen parlementaire meerderheid heeft, krijgt de oppositie meer macht — en dus ook meer verantwoordelijkheid — omdat zij wetsvoorstellen kan blokkeren als ze zich verenigt.
Tijdens het debat werd duidelijk dat die omslag niet vanzelf gaat. Er waren pogingen tot samenwerking en naar elkaar toegroeien, maar die liepen vaak vast door onduidelijkheid of gebrek aan samenhang tussen oppositiefracties. Een concreet twistpunt was de geplande stijging van de AOW-leeftijd: aanvankelijk leek er een breed signaal tegen de verhoging te ontstaan, maar uiteindelijk kozen enkele partijen (onder meer afsplitsers en de SGP) toch voor een eigen koers, waardoor er geen eendrachtig front tegen de coalitie ontstond.
GL-PvdA-leider Jesse Klaver trok de lijn van bereidheid tot onderhandelen, en riep op tot het sluiten van akkoorden met de coalitie waar mogelijk. Dat stuitte op scepsis binnen de oppositie; SP-leider Jimmy Dijk waarschuwde collega’s voor samenwerking met de coalitie en vreesde verraad door compromissen. Informateur Rianne Letschert, die het debat volgde, benadrukte eerder dat er een werkwijze nodig is die inhoudelijk scherp maar relationeel warmer is — een doel dat deels werd bereikt maar waarvan de realisatie nog werk vereist.
PVV-leider Geert Wilders hield vast aan zijn gebruikelijke felle kritiek; sinds het vallen van zijn kabinet een half jaar geleden is zijn invloed echter verminderd. In het debat hield hij kort de aandacht vast, maar hij slaagde niet in het opbouwen van een duurzaam verzet tegen het akkoord.
Belangrijke uitkomst: D66-leider Rob Jetten werd met ruime meerderheid aangewezen als formateur en krijgt drie weken de tijd om een kabinetsteam samen te stellen. De handelswijze van de minderheidscoalitie en de mate waarin oppositie en coalitie écht willen samenwerken, zullen bepalen of de Kamer als geheel sterker en medeverantwoordelijker uit deze nieuwe verhoudingen komt.