Met haar frisse en tegelijk vurige poëzie wist Lieke Marsman (35) altijd dichtbij te komen
In dit artikel:
Lieke Marsman (35) is woensdagavond in Parijs overleden. In de dagen daarvoor had ze met haar kersverse echtgenote twee dagen het tennistoernooi Roland Garros bezocht; korte tijd later verloor ze de strijd tegen de zeldzame kraakbeenkanker waaraan ze al zo’n acht jaar leed. Tot het einde toe bleef ze levenslustig en productief: ze voltooide een nieuwe dichtbundel die binnenkort verschijnt.
Marsman was een van de opvallendste stemmen van haar generatie: dichter, essayist en prozaschrijver die genres soepel met elkaar verbond. In 2025 werd ze als jongste ooit onderscheiden met de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. Eerder, in 2021, trad ze aan als Dichter des Vaderlands — een rol die ze, mede door ziekte en coronobeperkingen, op eigen manier invulde en waarmee ze reflecteerde op de maatschappelijke taak van literatuur.
Haar werk kenmerkte zich door een combinatie van persoonlijke openheid en maatschappijkritiek. Marsman mengde intieme observatie met scherpe analyses van taal en politieke retoriek; zij waarschuwde voor lege, imiterende taal en pleitte voor eerlijkheid en precisie in het spreken over politiek en samenleving. Tijdens de coronaperiode profileerde ze zich als woordvoerder van kwetsbaren — de zogeheten stem van het ‘dorre hout’ — en gebruikte ze poëzie en essays om ziekte, eenzaamheid en politieke kwesties met elkaar te verbinden.
Haar recentere werk toont een felle wil tot leven en experiment. Het essayboek Op een andere planeet kunnen ze me redden (2025) mengt dagboek, poëzie en kritiek en werd een onverwachte bestseller. Het boek vertelt over de jarenlange strijd met het zorgsysteem, de worsteling met medische beslissingen (waaronder de overweging van een amputatie) en Marsmans keuze om telkens te kiezen voor de kans op vooruitgang boven berusting. Zij koos, vaak met donkere humor, voor het leven — zelfs als dat ingrijpende offers vereiste. De ziekte bracht ook een hernieuwde omgang met geloof en spiritualiteit in haar werk, zonder dat het zweverig werd: het bleef verankerd in alledaagse verlangens en troost.
Jury’s prezen Marsman als denker en gevoelsmens tegelijk: iemand die met taal een vorm vond om over het ondenkbare na te denken. Haar poëzie bleef toegankelijk en direct, zonder aan diepgang in te boeten. Volgende week zou haar bundel De dichter en de duivel verschijnen — een absurdistische satire over betekenisloze politiek en de opkomst van AI, die nog eens haar breedte en scherpte illustreert.
Marsman laat een omvangrijk en invloedrijk oeuvre na waarin persoonlijke ervaring en publieke reflectie elkaar raken. Haar overlijden is een groot verlies voor de Nederlandse literatuur; haar werk blijft spreken over eindigheid, taal en wat het betekent mens te zijn.