Met gouden Kampschreur als uitblinker zag Vergeer 'heel mooie' Paralympische Spelen
In dit artikel:
In Cortina d'Ampezzo behaalde de Nederlandse paralympische ploeg afgelopen week zijn beste resultaat ooit op de Paralympische Winterspelen: zeven medailles in totaal, waarvan drie goud, drie zilver en één brons. Chef de mission Esther Vergeer sprak van "heel mooie Spelen" met zowel hoogte- als dieptepunten; Nederland eindigde als negende op de medailleranglijst, een plaats hoger dan vier jaar geleden in Peking en de beste klassering ooit.
De grote smaakmaker was zitskiër Jeroen Kampschreur, die drie keer goud won (super‑G, combinatie en slalom). Zijn toernooi kentte wisselende momenten: drie vlekkeloze zeges, maar ook twee harde crashes in de afdaling en de reuzenslalom waarbij hij verwondingen aan rug, arm en kaak opliep. Kampschreur benadrukte dat het team de concurrentie domineerde en noemde het ontwikkelen van de supersnelle zitski, in samenwerking met de TU Delft, een doorslaand succes — een project dat volgens hem nog verder wordt doorontwikkeld.
Naast Kampschreur leverden Niels de Langen twee zilveren medailles (afdaling en reuzenslalom) en een bronzen plak in de combinatie, en parasnowboardster Lisa Bunschoten-Vos pakte zilver in de slalom. Vergeer had vooraf gerekend op twee gouden medailles; de uiteindelijke oogst overtrof die verwachting aanzienlijk.
Voor de toekomst is Vergeer optimistisch: debutanten Claire Petit, Thijn Speksnijder en Dean van Kooij verbeterden persoonlijke records en lieten zien dat er nieuw talent aankomt. Er lopen plannen om de winterselectie uit te breiden — onder meer door zomersporters te ondersteunen bij een overstap naar wintersporten — en er wordt onderzocht of disciplines als curling of ijshockey op langere termijn haalbaar zijn. Vergeer hoopt bovendien dat de prestaties in Italië thuiskijkers inspireren om zelf met wintersporten te beginnen.