Met controversiële wet wil de Chinese regering het land verder verchinezen
In dit artikel:
China heeft een nieuwe wet ingevoerd die bedoeld is om "etnische eenheid" te versterken, maar die volgens critici hard ingrijpt in de taal- en culturele rechten van minderheden zoals Oeigoeren, Tibetanen en Mongolen. Afgelopen donderdag keurde het Nationale Volkscongres de wet goed; van ruim 2.700 afgevaardigden stemden er drie tegen en drie onthielden zich.
Belangrijke maatregelen: kleuters en peuters vanaf drie jaar moeten onderwijs in het Mandarijn (Putonghua) krijgen; ouders mogen hun kinderen geen opvattingen bijbrengen die de etnische eenheid zouden schaden; tweetalige borden krijgen een prominenter plaats voor Han-Chinese karakters; huwelijken tussen Han en minderheden worden actief aangemoedigd en religieuze of culturele bezwaren zijn verboden; mensen van verschillende etniciteiten moeten in gemengde wijken wonen. De wet heeft ook een extraterritoriale component: personen in het buitenland die "etnische eenheid ondermijnen" riskeren bij terugkeer in China gearresteerd te worden — een parallel die waarschuwt aan de reikwijdte van de nationale veiligheidswet voor Hongkong.
Beijing rechtvaardigt de maatregel als een poging om het gemeenschapsgevoel tussen alle etnische groepen te versterken. Critici en mensenrechtenorganisaties zien het echter als gedwongen assimilatie en een juridisch instrument om al bestaande praktijken van taalvervanging en culturele marginalisering te verankeren. China telt 55 erkende minderheden, goed voor ongeveer 8,9 procent van de bevolking; het land is grotendeels Han-Chinees.
De wet past in een bredere trend sinds de machtsovername van Xi Jinping, met strenge maatregelen in regio's als Xinjiang en Tibet. Onder oud-partijleider in Xinjiang Chen Quanguo werden meer dan een miljoen Oeigoeren opgesloten in door de staat zogenoemde opleidingscentra, volgens vluchtelingen en activisten vaak te vergelijken met interneringskampen. Eerdere protesten — zoals de grootschalige opstand van ouders in Binnen-Mongolië in 2020 tegen het vervangen van Mongoolse lesmethodes — lieten zien hoe gevoelig taalbeleid is; die actie stopte nadat lokale autoriteiten met boetes dreigden.
China-experts waarschuwen dat de nieuwe wet feitelijk de constitutionele garanties voor gebruik en ontwikkeling van minderheidstalen ondermijnt. Voor veel minderheden kan dit betekenen dat onderwijs en dagelijkse taalpraktijk verder verdwijnen; sommige betrokkenen spreken al van het einde van een generatie die hun moedertaal nog in het onderwijs leerde.