Meer honger, minder geld - het rijke Westen bezuinigt fors op voedselhulp aan mensen in nood
In dit artikel:
Wereldwijd groeit de hongercrisis snel door oorlogen, klimaatverandering en andere crises, terwijl rijke landen juist minder geld uittrekken voor ontwikkelingshulp en voedselnoodhulp. Vooral het Wereldvoedselprogramma van de VN (WFP) wordt hard geraakt: de financiering daalt scherp, waardoor miljoenen mensen in landen als Jemen, Oeganda, Niger en Syriƫ minder of geen voedselhulp meer krijgen. In Jemen, waar al sinds 2014 een burgeroorlog woedt, dreigt voor tienduizenden mensen directe hongerdood.
De terugval komt vooral door de Verenigde Staten, die begin 2025 het hulpagentschap USAID grotendeels ontmantelden en hun bijdrage aan het WFP halveerden. Ook Europese landen bezuinigen, terwijl China nauwelijks bijdraagt. Volgens de OESO is het wereldwijde ontwikkelingsbudget in 2025 uitzonderlijk sterk gekrompen, en voor 2026 wordt opnieuw een daling verwacht.
Experts waarschuwen dat dit niet alleen de acute hulp verzwakt, maar ook de voorbereiding op toekomstige rampen: er is minder geld voor noodvoorraden, data en preventie. Het WFP zegt dat het voor volledige ondersteuning 13 miljard dollar nodig heeft, maar daar ver onder blijft. De organisatie rekent erop dat het geldtekort tot 2030 miljoenen extra sterfgevallen kan veroorzaken, waaronder veel jonge kinderen.
Ook Nederland schuift mee in de trend van hulp als eigenbelang. Het kabinet bezuinigt op ontwikkelingssamenwerking, al blijft de bijdrage aan het WFP relatief stabiel. Deskundigen noemen dat onvoldoende: volgens hen zou internationale voedselhulp juist versterkt moeten worden om een nog grotere humanitaire en politieke ramp te voorkomen.
De Oranjezomer: Econoom Jona van Loenen legt uit: waarom stijgen de benzineprijzen harder dan ze weer dalen?