Meer ggz zonder extra geld, dat is wensdenken
In dit artikel:
Jurriaan Strous betoogt dat het structurele antwoord op de nijpende problematiek rond verwarde personen simpel maar onpopulair is: meer investeren in de geestelijke gezondheidszorg (ggz). Naar aanleiding van een uitzending van Pauw & De Wit op 11 maart, waarin onder anderen Rotterdamse burgemeester Carola Schouten sprak over het ontlasten van de politie en het steunen van een motie voor een speciale opvanglocatie, waarschuwt Strous dat zo’n parallelle voorziening slechts symptoombestrijding is.
Volgens hem hoort professionele zorgverlening — medewerkers uit de ggz — deze casussen te dragen, omdat alleen zij voldoende scholing en uitrusting hebben. De kern van het probleem ligt echter bij structurele tekorten: lage beloning, hoge werkdruk en een administratieve last door marktwerking. Strous stelt dat het kabinet, juist gezien de neoliberale inzet op concurrentie en marktmechanismen, consequent moet zijn en bij schaarste simpelweg meer geld moet uittrekken. Een hoger salaris en betere waardering zouden de instroom en behoud van personeel vergroten, waardoor bestaande instellingen op sterkte gebracht kunnen worden zonder nieuwe, losstaande opvangcentra.
Zonder zulke investeringen blijft het denken in tijdelijke of alternatieve locaties wishful thinking en verplaatst het probleem alleen. Als kabinet en gemeenten niet bereid zijn de ggz substantieel te versterken, voorziet Strous een verdere toename van het aantal verwarde personen als maatschappelijk probleem dat voortdurend onderprioritair blijft.