Meditatie: zware grafsteen
In dit artikel:
In een korte meditatie bij Marcus 16 bespreekt ds. C. van den Oever (Rotterdam, 1859) de vrouwen die na de begrafenis van Jezus vroeg naar het graf willen komen met specerijen. Hun liefde motiveert hen, maar al onderweg dringt een praktisch en emotioneel bezwaar zich op: de zware rotssteen die het nieuwe graf in de hof van Jozef afsloot. Die steen voelt zwaarder dan ooit; het beeld van een onneembare hindernis zet twijfel en angst in hun hoofd. Van den Oever vergelijkt impliciet met verhalen als die van Rachel en Jakob (het optillen van een putsteen) en vraagt wie hen nu zou helpen — en of iemand dat überhaupt zou willen doen, nu vijandigheid tegen Jezus duidelijk is. De tekst belicht zo zowel het opofferingselement van hun liefde als de concrete belemmering en sociale isolatie waarmee ze rekening houden.