Máxima en haar dochters gaan nooit oorlog voeren, als het zo ver komt
In dit artikel:
Het verhaal speelt zich af gisteravond op een zwoele Amsterdamse terrasavond, waar de verteller met een vriendin zit te praten terwijl een plotselinge regenbui de sfeer verandert. De twee vrouwen zijn duidelijk verschillend qua uiterlijk en levensstijl — de vriendin is jong, slank en skeelert door de stad; de verteller is ouder, heeft grijs haar en rijdt auto — maar verbinden in hun gedeelde afkeer van oorlog en militarisering.
Beide hebben een echte oorlog meegemaakt en dragen nog steeds de nachtmerries en bittere ervaringen daarvan. Juist daardoor voelen ze zich gekwetst door de manier waarop het Koninklijk Huis, en in het bijzonder Máxima met haar dochters, volgens hen wordt ingezet in promotieclips rond defensie: als zou deelnemen aan het leger iets vrolijks of alledaags zijn. De verteller verwijst scherp naar Máxima’s Argentijnse afkomst en het idee dat de koninklijke familie in geval van ernstig geweld makkelijk elders bescherming zou kunnen zoeken — iets wat contrasteert met de realiteit voor gewone mensen en hun kinderen die mogelijk aan de frontlijn terechtkomen.
De kernboodschap is een pleidooi voor onvoorwaardelijke inspanningen van het Koninklijk Huis voor vrede, en een veroordeling van het verfraaien of normaliseren van oorlogsvoering. Oorlog levert volgens hen alleen verlies en leed op — geen helden — en de verteller wil haar kinderen en die van anderen nooit moeten opofferen.