Maurice de Hond: lokale partijen gaan terrein winnen ten opzichte van landelijke partijen
In dit artikel:
Peiler Maurice de Hond verwacht dat lokale partijen opnieuw terrein winnen bij de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026: hun stemaandeel zou verder stijgen naar ongeveer 35–40 procent. De prognose wijst erop dat lokale partijen al stevig verankerd zijn (in 2022 lag hun aandeel rond 31,5–33,5%) en dat die positie versterkt wordt doordat niet alle landelijke partijen overal meedoen en doordat landelijke partijen soms onder lokale namen of in coalities verschijnen.
De deelname van landelijke partijen varieert sterk per gemeente en tussen 2022 en 2026: Forum voor Democratie breidde zijn aanwezigheid uit van 52 naar 103 gemeenten, terwijl sommige partijen slechts in eenhandvol gemeenten actief zijn. Ook vinden sommige stembussen op andere momenten plaats; in 2026 stemmen Hilversum en Wijdemeren later dan 18 maart. Voor de prognose zijn combinaties zoals GroenLinks-PvdA en ChristenUnie-SGP samengevoegd omdat die partijen lokaal soms gezamenlijk optreden.
Een substantieel deel van de lokale stemmen komt voort uit het ontbreken van landelijke opties: ongeveer een derde van de localevoters zegt dat zij liever op een landelijke partij hadden gestemd als die beschikbaar was geweest. Waar lokale kwesties en spanningen spelen — bijvoorbeeld rond asielzoekerscentra — profiteren lokale partijen extra, wat sterk zichtbaar is in steden: Leefbaar Rotterdam zou opnieuw de grootste in Rotterdam worden en Hart voor Den Haag (Richard de Mos) in Den Haag.
Onder de landelijke partijen komt GroenLinks-PvdA als grootste uit de prognose tevoorschijn; D66 boekte winst maar blijft duidelijk achter die combinatie. De VVD verliest zetels, terwijl Forum voor Democratie in de gemeenten waar het meedoet sterk vooruitgaat. PVV en 50PLUS zijn licht in de plus, SP en Partij voor de Dieren licht in de min. BoerBurgerBeweging doet voor het eerst mee in 28 gemeenten maar haalt daar volgens de prognose geen opvallende resultaten.