Martin Visser: coalitie stuurt weg van de financiële vangrail, maar is dit akkoord wel bestand tegen een zuchtje tegenwind?

vrijdag, 30 januari 2026 (14:54) - De Telegraaf

In dit artikel:

Het regeerakkoord van D66, VVD en CDA introduceert nieuwe financiële kaders die moeten bepalen hoe Nederland de komende regeringsperiode investeert en begrotingen vormt. Martin Visser bespreekt in zijn column vooral de vraag hoe robuust die kaders zijn: welke spelregels gelden voor investeringen, hoeveel ruimte er komt voor extra uitgaven en hoe strak de begrotingsdiscipline wordt gehandhaafd.

Wie: de coalitiepartijen D66, VVD en CDA zetten de lijnen uit; Martin Visser analyseert deze keuzes. Wat: aanpassingen in begrotingsregels en investeringsbeleid die zowel ruimte voor prioriteitsprojecten moeten bieden als budgettaire betrouwbaarheid moeten waarborgen. Wanneer/waar: het gaat om bepalingen uit het recente regeerakkoord voor Nederland, van toepassing gedurende de komende kabinetsperiode. Waarom: de coalitie wil met vaste regels investeren mogelijk maken zonder de financiële houdbaarheid te ondermijnen.

Visser belicht de tegenstelling tussen behoefte aan extra publieke investeringen (bijvoorbeeld in infrastructuur, klimaat of onderwijs) en de politieke noodzaak om tekorten en staatsschuld onder controle te houden. De nieuwe kaders lijken te zoeken naar een middenweg: voldoende flexibiliteit om strategisch te investeren, gecombineerd met duidelijke normen om financiële risico’s te beperken. Welke instrumenten precies gebruikt worden (zoals speciaal investeringsgeld, begrotingsplafonds of nieuwe toetsingsregels) hangt af van verdere uitwerking en politieke keuze.

De praktische uitkomst wordt bepalend voor de effectiviteit van het beleid: te strikte regels kunnen investeringen frustreren, te veel ruimte kan het vertrouwen in de overheidsfinanciën schaden. Visser roept op om scherp te blijven kijken naar de uitvoerbaarheid en de effecten van de voorgestelde kaders, omdat die het toekomstige economische en politieke speelveld in Nederland zullen vormgeven.