Mariska en Marc zorgen ervoor dat algen uit een lab in Groningen in jouw skincare belanden

zondag, 1 februari 2026 (19:59) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Veel cosmetica-ingrediënten zijn nog fossiel van oorsprong, maar de sector beweegt richting bio-based alternatieven. Merken en de Europese Commissie stimuleren die omslag om milieu-impact te verlagen en afhankelijkheid van grondstofimport te verminderen. In de praktijk staan echter technische, economische en marktbarrières tussen een veelbelovend grondstofidee en een betaalbaar product op het drogisterijschap.

Een concreet voorbeeld komt uit Groningen: ModAlgae BV ontwikkelt een hydraterend ingrediënt op basis van microalgen, voortgekomen uit onderzoek van hoogleraar microbiologie Marc van der Maarel aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zijn team maakte gebruik van eencellige algen van het geslacht Galdieria, die in natuurlijke hete, zure bronnen grote hoeveelheden glycogeen opslaan. Glycogeen is een vertakte suikerketen die vocht vasthoudt en al in sommige huidproducten gebruikt wordt, maar eerdere productiepaden (bijv. uit maïs of via andere micro-organismen) waren economisch oninteressant. Microalgen blijken wél veel glycogeen te produceren met relatief weinig grondstoffen, waardoor schaalbare productie plausibel wordt.

ModAlgae, opgericht door Van der Maarel en ondernemer Mariska van der Hoek, kweekt de algen in reactoren — vaten die qua opbouw doen denken aan kleine bierbrouwerijen, maar continu geroerd en belucht worden. In het donker nemen de cellen suikers op uit het water, zetten die om in energie en slaan die opslag als glycogeen op; daarna worden de cellen geopend en het glycogeen geïsoleerd. De benodigde suiker komt nu uit Nederlandse suikerbieten, wat het proces bio-based en lokaal maakt, maar ook de discussie oproept over het gebruik van voedselgrondstoffen voor industriële toepassingen. ModAlgae stelt dat benodigde volumes relatief klein zijn (1 hectare suikerbiet kan circa één ton glycogeen opleveren) en dat bij opschaling reststromen als grondstof mogelijk zijn.

In functie van huidverzorging zou glycogeen een aanvulling kunnen zijn op bestaande bio-based moleculen zoals gehydrolyseerd hyaluronzuur, dat tegenwoordig ook via fermentatie wordt geproduceerd. ModAlgae verwijst naar interne vergelijkende tests waarin hun glycogeen beter zou hydrateren dan een marktnorm voor hyaluronzuur, maar die resultaten zijn niet onafhankelijk gevalideerd. Voordat het ingrediënt in crèmes en serums terechtkomt, wacht de cruciale fase van formulering: het veilig, stabiel en effectief combineren van het nieuwe molecuul met vele andere componenten. Die stap is complex omdat mengsels enorme combinatieruimtes hebben en moleculair gedrag in mengsels vaak onvoorspelbaar is.

Het Big Chemistry-programma onder leiding van hoogleraar Wilhelm Huck probeert die formuleringstijd en -kosten te verkorten met geautomatiseerde laboratoria en kunstmatige intelligentie. Robots kunnen continu experimenten uitvoeren en grote hoeveelheden data produceren; AI gebruikt die data om te leren welke combinaties werken of stuurt de robots gericht aan om een gewenst resultaat (bijvoorbeeld schuim met een bepaalde bubbelgrootte) te realiseren. Het plan is om in mei 2026 een Nederlands robotlab te openen waar zulke systemen gebundeld worden, waardoor ontwikkeltijd van jaren naar veel kortere periodes kan schuiven.

Ondanks technologische stappen blijft financiering een groot knelpunt. Veel veelbelovende bio-based startups stranden omdat fossiele alternatieven goedkoop, goed bekend en op grote schaal beschikbaar zijn, waardoor nieuwe leveranciers moeilijk concurreren. Bedrijfsleven en belangenorganisaties vragen daarom om beleid dat marktvraag voor duurzamere industriële producten creëert; zo publiceerde VNO-NCW eind 2024 een oproep aan de EU voor stimulerende maatregelen. Daarnaast wijst sociaalwetenschappelijk onderzoek erop dat consumenten in de winkel vaak toch op prijs selecteren, ondanks een groeiend maatschappelijk debat over duurzaamheid.

ModAlgae mikt erop rond 2028 de eerste klanten te bedienen, maar daarvoor zijn succesvolle formuleringen, opschaling van de algenproductie en voldoende investering nodig. De casus illustreert de mogelijkheden van bio-based cosmetica — lokaal geproduceerde ingrediënten met potentieel betere werking — maar ook dat technische haalbaarheid alleen niet genoeg is: beleid, kapitaal, slimme formuleringstechnologie en marktacceptatie zijn essentieel om zulke innovaties betaalbaar en breed inzetbaar te maken.