Maanden na het vuurwerkinferno bij Ajax zijn er nog steeds nul arrestaties
In dit artikel:
Op zondag 30 november werd Ajax–FC Groningen voortijdig gestaakt nadat leden van een deel van de harde kern in de Johan Cruijff Arena een massaal vuurwerkoffensief ontketenden. De explosies begonnen in minuut vijf – bedoeld als eerbetoon aan de overleden hooligan ‘Tum 5th’ (Thijmen Ruben Pfann) – en nadat de wedstrijd een eerste keer was stilgelegd, bleven relschoppers nog vuurwerk gooien zodat de scheidsrechter definitief affloot. Tienduizenden toeschouwers moesten het stadion verlaten.
Paul Vugts beschrijft hoe deze actie zorgde voor collectieve sancties: vakken waar normaal de F-side en verwante groepen zitten bleven bij latere thuisduels bewust leeg als straf, onder andere na vorig eerbetoon aan een andere overledene uit de aanhang. Daardoor moesten veel gewone seizoenkaarthouders juist die thuiswedstrijden missen waarin Ajax wél goed presteerde. Vugts noemt ook zijn eigen ervaring met zo’n collectieve maatregel bij Willem II.
Het Parool reconstrueerde het incident en stelt dat zo’n 150 hooligans vanuit een parkeergarage via ingetrapte nooduitgangen het vak bestormden met grote hoeveelheden zwaar vuurwerk, terwijl club- en hulpdiensten toekeken. De krant identificeerde zelfs een leider van de actie, een vriend van ‘Tum’. Bronnen melden dat de politie binnen een week, ondanks verkleedpartijen, via camerabeelden tien tot vijftien betrokkenen kon aanwijzen. Toch waren er maanden later nog geen arrestaties verricht.
Vugts zet vraagtekens bij de redelijkheid van het collectief straffen van duizenden supporters en bij het gebrek aan zichtbaar gericht optreden tegen de daders. Hij erkent politiecapaciteitsproblemen, maar benadrukt dat het onrechtvaardig aanvoelt dat vooral onschuldige fans de rekening gepresenteerd krijgen.