Maakt het uit welke tandpasta ik koop?
In dit artikel:
Tandpastakeuze is groot, maar het belangrijkste ingrediënt is duidelijk: fluoride. Dat stelt Dagmar Else Slot, mondhygiënist en hoogleraar preventie in de mondzorg in Amsterdam. Voor de algemene bevolking werkt vrijwel elke tandpasta even goed, zolang er fluoride in zit; specifieke problemen zoals gevoelige tandhalzen, ontstoken tandvlees, slechte adem, erosie of verkleuringen vragen wél om speciale formules.
Fluoride versterkt het tandglazuur door hydroxidegroepen in het mineraal hydroxyapatiet te vervangen, waardoor harder fluorapatiet ontstaat dat beter bestand is tegen zuuraantasting door bacteriën die suikers afbreken. Daardoor vermindert fluoride effectief het risico op gaatjes. Het middel komt zowel in de natuur voor als in toegevoegde vorm in tandpasta’s; bij normaal gebruik is het veilig, alleen bij het doorslikken van zeer grote hoeveelheden kan het schadelijk zijn.
Historisch: begin 20e eeuw legde tandarts Frederick McKay in de VS een verband tussen natuurlijk fluoride in drinkwater en minder cariës; de eerste fluoridetandpasta’s stammen uit 1907. In Nederland toonde de Tiel–Culemborgstudie in de jaren 50 aan dat waterfluoridering in Tiel tot minder gaatjes leidde dan in Culemborg. Desondanks werd landelijke fluoridering politiek niet doorgevoerd, onder meer vanwege juridische uitspraken en keuzevrijheid.
Tandheelkundige beroepsorganisaties zoals het Ivoren Kruis, KNMT, verenigingen van mondhygiënisten en internationale instanties inclusief de Wereldgezondheidsorganisatie adviseren fluoridetandpasta; de WHO beschouwt fluoride zelfs als essentieel medicijn.
Wie fluoride wil vermijden vindt tegenwoordig ook producten in natuurwinkels, maar voor de brede bescherming tegen cariës is fluoride aanbevolen. Slot benadrukt dat het middel geen vrijbrief is: tweemaal daags goed poetsen, tussen tanden reinigen, niet continu snacken (maximaal zeven eetmomenten per dag) en persoonlijke instructie van tandarts of mondhygiënist blijven onmisbaar.