Maagverkleining kan werking medicijn sterk beïnvloeden: „Meld deze operatie bij alle zorgverleners bij wie je komt"

woensdag, 17 juni 2026 (22:07) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Ziekenhuisapotheker Cedric Lau (Scheldezoom Farmacie, Admiraal de Ruyter Ziekenhuis) onderzoekt al ruim tien jaar hoe bariatrische operaties — de zogenoemde maagverkleiningen — de werking van geneesmiddelen veranderen. Zijn onderzoek, waarop hij in maart promoveerde aan de Universiteit Utrecht, laat zien dat medicijnen na zo’n ingreep sneller, minder effectief of juist sterker met meer bijwerkingen kunnen werken. Omdat jaarlijks ongeveer 12.000 Nederlanders een bariatrische ingreep ondergaan en obesitas toeneemt, is begrip van deze veranderingen belangrijk voor veilige behandeling.

Werking en oorzaken
Bij de meest uitgevoerde operaties, zoals gastric bypass en gastric sleeve, wordt de maag sterk verkleind; bij een bypass wordt bovendien een deel van de dunne darm omgeleid. Deze veranderingen maken de maag zuurder en korten het absorptieoppervlak van de darm in, met twee belangrijke gevolgen: middelen kunnen sneller in de darm terechtkomen en daardoor sterker of sneller werkzaam zijn, of juist slechter worden opgenomen omdat ze een zuur milieu of een langer darmpad nodig hebben. Ook blijkt het effect over de tijd grillig: bloedconcentraties van medicijnen kunnen kort na de operatie dalen en later weer stijgen, of blijven fluctureren.

Praktische voorbeelden en consequenties
Lau haalt concrete voorbeelden aan om het belang te onderstrepen. Het stemmingsstabilisator lithium kan na een ingreep ineens te hoge bloedspiegels geven met ernstige bijwerkingen zoals hartritmestoornissen. Bij het antistollingsmiddel dabigatran is er aanwijzing voor verminderde werking na bariatrie, wat het risico op beroertes kan verhogen. Voor alledaagse pijnstilling bleek iets verrassends: na maagverkleining wordt oraal ingenomen paracetamol ongeveer net zo snel opgenomen als paracetamol via een injectie, wat betekent dat tablets vaak volstaan. Bij orale antikankermiddelen toonde Lau aan dat bij een substantieel deel van de patiënten de bloedconcentraties na operatie te laag waren voor voldoende effect; tamoxifen kan bijvoorbeeld na een ingreep hogere dosering nodig hebben.

Adviezen en hulpmiddelen
Een landelijke werkgroep van apothekers, chirurgen, huisartsen en internisten (onder de KNMP) heeft in het afgelopen decennium adviezen opgesteld voor ongeveer 150 geneesmiddelen, en dat aantal groeit met de wetenschap mee. Deze richtlijnen helpen apothekers en artsen in hun systemen te beslissen of een middel aangepast moet worden of dat monitoring nodig is. Voor middelen met een smalle therapeutische marge kan regelmatige bloedcontrole (therapeutic drug monitoring) na de operatie noodzakelijk zijn.

Communicatieprobleem
Lau signaleert een groot probleem in de praktijk: operatiegegevens worden vaak niet adequaat gedeeld of geregistreerd. In het ziekenhuis legden chirurgen 69% van de operatiegegevens vast, huisartsen registreerden in slechts 28% van de gevallen de operatie in hun systemen na ontvangst van ontslagbrieven, en apotheken registreerden 25%. In meer dan de helft van de casussen stond de operatie uiteindelijk bij noch huisarts, noch apotheker geregistreerd. Daardoor krijgen zorgverleners bij voorschrijven vaak geen waarschuwing of advies.

Aanbevelingen
Patiënten die een bariatrische ingreep ondergaan moeten dit actief melden aan alle zorgverleners — huisarts, apotheek, behandelend specialisten en andere zorgverleners. Zorgverleners moeten alert zijn op onverwachte bijwerkingen of uitblijvend effect en waar nodig bloedwaarden controleren of doseringen aanpassen. Omdat kennis over dit vakgebied nog in ontwikkeling is, is nauwe samenwerking tussen chirurgen, apothekers, huisartsen en specialisten cruciaal voor veilige en effectieve medicatietherapie na maagverkleining.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside Oranje: Wesley Sneijder: 'Dat is de grootste onzin die ik uit de mond van Valentijn Driessen heb gehoord!'