Lokale partijen zijn erg populair: 'Weinig vertrouwen in landelijke partij'

maandag, 16 maart 2026 (05:43) - NU.nl

In dit artikel:

Lokale partijen boeken al jaren winst bij Nederlandse gemeenteraadsverkiezingen en lijken die positie de komende ronde alleen maar uit te bouwen. Volgens cijfers van de Kiesraad stemde in 2010 nog iets minder dan een kwart van de kiezers op een lokaal initiatief; in 2022 was dat meer dan 31 procent. Onderzoek van Ipsos I&O verwacht dat het aandeel bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen kan groeien naar ongeveer 34,5 procent.

Onderzoekers Simon Otjes (Universiteit Leiden) en Marcel Boogers (Universiteit Utrecht) wijzen op meerdere oorzaken. Allereerst fungeren lokale partijen vaak als opvang voor onvrede met de Haagse politiek: kiezers die weinig vertrouwen hebben in landelijke partijen geven hun stem makkelijker aan een lokaal alternatief dat niet aan landelijke coalities of schandalen wordt gekoppeld. Daarnaast staan landelijke partijen niet in alle gemeenten op het stembiljet; dat maakt de overstap naar een lokale lijst praktisch eenvoudiger. Dit geldt vooral aan de rechterflank: de PVV is bijvoorbeeld slechts in zo’n veertig gemeenten actief, BBB in 29 en JA21 in zeven.

Inhoudelijk scoren lokale lijsten doordat ze zich expliciet op concrete gemeentelijke kwesties richten — denk aan wegen, zwembaden of specifieke buurten — en in hun programma’s vaker verwijzen naar locaties binnen de gemeente. Ze opereren minder ideologisch en meer probleemgericht, wat stemmen van burgers aantrekt die vooral lokaal verschil willen zien. Ook organisatorisch zitten ze vaak dicht op de gemeenschap: bekende buurtfiguren of lokale kopstukken kunnen makkelijker naar voren worden geschoven, wat het vertrouwen en de herkenbaarheid vergroot (als voorbeeld wordt Richard de Mos in Den Haag genoemd).

Tegelijk hebben landelijke partijen op gemeentelijk niveau voordelen: zij profiteren van landelijke steun, training, netwerkuitwisseling en ervaring uit andere gemeenten. Volgens Otjes en Boogers professionaliseren veel lokale partijen echter ook; sommige draaien inmiddels al lang mee en werken steeds professioneler.

De opmars van lokale partijen is onderdeel van een langer lopende trend, die scherpte kreeg rond 2002 met de doorbraak van Pim Fortuyn en daarna voortzette met nieuwe anti-establishmentpartijen. Recente onvrede over landelijke politiek — onder meer rond kabinetten met interne ruzies en vertrouwensschandalen — versterkt die beweging nog. Praktijkvoorbeelden laten zien dat lokale partijen landelijke tegenhangers vaak verslaan: Hart voor Den Haag heeft bijvoorbeeld veel meer zetels dan PVV, FVD of SP in die stad; in Rotterdam geldt iets soortgelijks voor Leefbaar Rotterdam.

Kortom: door combinatie van wantrouwen in Den Haag, afwezigheid van landelijke alternatieven in veel gemeenten, lokale profilering en sterke lokale verankering blijven lokale partijen in veel gemeenteraden prominent vertegenwoordigd.