Lokale partijen krijgen de meeste stemmen; SGP boekt winst van 27 zetels
In dit artikel:
Lokale partijen kwamen landelijk als grootste groep uit de stembus, maar niet overal domineerden zij de uitslag. In Den Haag werd Hart voor Den Haag van ex-wethouder Richard de Mos de grootste partij met volgens de ANP-Verkiezingsdienst zestien zetels; D66 volgt met acht, GroenLinks-PvdA met zeven. In Amersfoort schoof de nieuweling KeiHart voor Amersfoort vanuit het niets naar zes raadszetels — de partij profiteerde van onvrede over het gemeentelijke parkeerbeleid en een vorig jaar gehouden referendum waarin ruim 70% tegen gefaseerd betaald parkeren stemde.
Op landelijk niveau kende de SGP een flinke plus (plus circa 27 zetels), al speelt mee dat in sommige gemeenten het totaal aantal zetels groeide. De ChristenUnie leed daarentegen een substantieel verlies: bijna honderd raadszetels verdwenen. In Rotterdam trok de combinatie GroenLinks-PvdA iets meer dan 3.000 stemmen meer dan Leefbaar Rotterdam; beide partijen komen uit op elf zetels. In Nijmegen groeien GroenLinks (van negen naar elf zetels) en D66 (van zes naar zeven), ten koste van lokale partijen zoals de Stadspartij, de PvdD en de SP.
Regeringspartijen deden overwegend redelijk: D66 boekte winst in stemmen en zetels, de VVD pakte iets meer zetels met een minuscule procentuele stijging, het CDA zag een klein verlies. NSC (Pieter Omtzigt) bleef buiten; in de vijf gemeenten waar de partij meedeed behaalde zij geen zetel. JA21 scoorde in de eerste deelname minimaal vijftien zetels.
Migration- en asielstandpunten speelden lokaal zichtbaar mee: FVD won zetels in ruim honderd gemeenten, waaronder dertien plaatsen in de Biblebelt, en PVV werd in enkele gemeenten (zoals Terneuzen en Pekela) de grootste. In Oldebroek haalde het lokale Christelijk Verbond Oldebroek 32% en zeven zetels; ook daar draaide de discussie rond een azc. De opkomst lag landelijk rond 54%, ongeveer drie procentpunt hoger dan bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen.