Linkse regering Spanje pleit voor Europees leger

zaterdag, 16 mei 2026 (07:26) - NieuwRechts.nl

In dit artikel:

De Spaanse minister van Buitenlandse Zaken José Manuel Albares pleit voor de oprichting van een Europees leger dat de huidige verdediging via de NAVO deels zou moeten vervangen. Zijn pleidooi komt voort uit groeiende onzekerheid over de betrouwbaarheid van de door de Verenigde Staten geleide alliantie, vooral tegen de achtergrond van spanningen met president Donald Trump. Albares zegt dat Europa minder afhankelijk moet worden van Washington en roept op tot meer Europese soevereiniteit en zelfstandigheid: “Onze burgers verdienen beter.”

De discussie speelt in een context waarin Spanje zelf onder druk staat door het weigeren van premier Pedro Sánchez om defensie-uitgaven op te schroeven naar 5 procent van het bbp. Trump zou hebben gedreigd met extra importheffingen, met terugtrekking van Amerikaanse troepen uit Spaanse bases en mogelijk zelfs met opschorting van Spanje binnen de NAVO vanwege het gebrek aan steun voor zijn beleid rond Iran. Dergelijke acties versterken bij Albares het gevoel dat Europa zijn eigen afschrikking nodig heeft.

In Brussel wordt al langer nagedacht over hoe de EU moet omgaan met veranderende Amerikaanse politiek, maar veel lidstaten geven er de voorkeur aan hun defensie binnen NAVO-structuren te versterken. Albares wil dat de EU een eigen equivalent krijgt van artikel 5 van de NAVO — de collectieve-veiligheidsclausule die een aanval op één lid als een aanval op allen beschouwt — om zo een geloofwaardige afschrikking te bouwen.

Tegelijkertijd waarschuwen critici dat een Europees leger grote bevoegdheden naar Brussel zou verschuiven, waardoor nationale regeringen minder zeggenschap houden over essentiële taken zoals de verdediging van het eigen grondgebied. De EU heeft al artikel 42.7, een wederzijdse defensieclausule, maar die wordt door velen als onvoldoende gezien omdat de EU niet over de benodigde militaire middelen beschikt om die clausule echt afschrikwekkend te maken.

Het debat draait daarmee om twee tegenovergestelde wensen: meer Europese autonomie en afschrikking versus behoud van nationale controle en samenwerking binnen bestaande NAVO-structuren. De praktische en politieke haalbaarheid van een écht Europees leger — met bijbehorende bevoegdheidsoverdracht en financiën — blijft de grote vraag.