Lezersbrieven: gesloten kansels, Hongarije, The Armed Man in Gouda

woensdag, 15 april 2026 (18:21) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Richard van der Krans uit Waddinxveen reageert op de geplande uitvoering van Karl Jenkins’ The Armed Man op 18 april in de Goudse Sint-Jans. Hij erkent dat de organisatie het stuk presenteert als een universele oproep tot vrede, maar maakt bezwaar tegen het gebruik van islamitische gebedsoproep (adhan) in een context die volgens hem fundamentele christelijke leerstellingen ondermijnt. Van der Krans wijst erop dat de islam belangrijke christelijke claims over Jezus ontkent (zoals zijn goddelijke zoonschap, kruisiging en opstanding) en vindt het problematisch dat zulke elementen binnen de kaders die met de PKN Gouda zijn afgesproken passen. Zijn brief signaleert de spanning tussen ecumenische culturele activiteiten en behoud van confessionele grenzen.

L.H.J. Knap, evangelist uit Mikebuda (Hongarije), schrijft naar aanleiding van het verkiezingsverlies van Viktor Orbán en betreurt het vertrek van een leidersfiguur die volgens hem consequent voor christelijke normen, nationale soevereiniteit en culturele identiteit opkwam tegenover Europese druk. Knap prijst Orbáns nadruk op de spirituele dimensie van politiek en ziet Hongarije als één van de laatste bolwerken van een christelijk Europa. Hij uit kritiek op Europese leiders die volgens hem de liberale tijdgeest volgen en noemt het teleurstellend dat ook sommige Nederlandse reformatorische christenen zich zonder veel weerwoord bij negatieve mediaberichtgeving over Orbán hebben aangesloten. De brief reflecteert de emotionele en politieke verdeeldheid rond Orbáns conservatieve koers.

Izak Heijboer uit ’s-Gravenpolder reageert op een eerder stuk van kerkredacteur Addy de Jong over het fenomeen van gesloten kansels binnen reformatorische kerken. Hij betreurt dat predikanten van nauw verwante kerkverbanden elkaar vaak niet mogen laten voorgaan in de eredienst en ziet hierin een belemmering voor onderlinge verbondenheid. Heijboer pleit voor meer openheid binnen eigen kerkverbanden — binnen de grenzen van de belijdenis — en geeft voorbeelden van positieve ervaringen waarbij een ‘te lichte’ prediker toch zegen kon brengen. Hij roept op tot minder krampachtige houding ten aanzien van accentverschillen en meer praktische stappen richting kerkelijke eenheid.