Leve de parkeerapp, maar kies wel de juiste: deze is het goedkoopst
In dit artikel:
Parkeerapps bieden tegenwoordig gemak bij het betalen en verlengen van parkeertijd, maar de kosten kunnen flink oplopen. EasyPark, een populaire app die onder meer Parkmobile overnam, verhoogt per 1 mei 2025 de transactiekosten sterk, wat een dagje parkeren aanzienlijk duurder maakt. Dit zet aan tot het zoeken naar betaalbare alternatieven.
De app van Q-Park is een voor de hand liggende vervanger zonder extra transactiekosten. Deze app werkt vooral goed bij parkeergarages: je registreert je kenteken en betaalt achteraf, wat automatisch gaat bij in- en uitrijden. Het nadeel is dat je een kenteken maar één keer kunt registreren en notificaties ontbreken wanneer je vergeet een straatparkeersessie stop te zetten.
On the go rekent wel een kleine vergoeding van 19 cent per parkeerbeurt op straat, maar werkt met een vooruitbetaald tegoed via iDeal. Je kiest vooraf hoelang je wilt parkeren en krijgt een waarschuwing vlak voor het einde, met mogelijkheid tot verlengen zonder extra kosten als dit op tijd gebeurt. Een voordeel is dat je bij voortijdig stoppen geld terugkrijgt, wat deze app handig maakt voor vergeetachtige gebruikers. Daarnaast biedt On the go extra functies zoals het tonen van goedkope benzinestations en inzicht in parkeertarieven.
Instapark hanteert een iets lager tarief per transactie (ongeveer 18 cent inclusief btw), maar blijkt minder transparant. Verlengingen kosten opnieuw een transactie, ongeacht de resterende tijd, en bij voortijdig beëindigen van een sessie wordt een onduidelijke 'refund fee' ingehouden, wat nadelig is voor gebruikers.
Kortom, wie digitaal wil parkeren, doet er goed aan om de voorwaarden en kosten van apps kritisch te vergelijken. Q-Park scoort met eenvoudige afhandeling in garages zonder extra kosten, On the go biedt flexibiliteit met een kleine vergoeding, terwijl Instapark goedkoper lijkt maar met minder gunstige voorwaarden komt. De keuze hangt af van parkeergedrag en voorkeuren voor gebruiksgemak versus kosten.